De Nederlandse waterpolosters zijn dinsdag goed begonnen aan de Super Final van de World League, waar een ticket voor de Olympische Spelen veroverd kan worden.

De ploeg van bondscoach Arno Havenga won op het toernooi in de Hongaarse hoofdstad Boedapest het eerste groepsduel met China: 15-7. Oranje won alle periodes, op de derde na: 4-2, 4-2, 3-3 en 4-0.

Maud Megens en Iris Wolves waren ieder drie keer trefzeker. Simone van de Kraats en Maartje Keuning maakten er allebei twee. De overige doelpunten kwamen op naam van Dagmar Genee, Nomi Stomphorst, Bente Rogge, Vivian Sevenich en Ilse Koolhaas.

Havenga was tevreden qua resultaat, maar zag nog punten van aandacht in het spel. "We hadden goede momenten en ook wat mindere momenten", zei hij op waterpolo.nl. "Onze 'man meer' liep niet helemaal top, daarin ontbrak af en toe de overtuiging. We kunnen verder tevreden zijn."

Alle acht ploegen naar kwartfinales

Woensdag staat het tweede groepsduel op het programma, als Nederland het opneemt tegen Italië. Een dag later is Australië de tweede tegenstander in de groep.

Alle acht ploegen die meedoen in Boedapest zijn zeker van de kwartfinales, al treft de winnaar van de groep de nummer vier van de andere. In de andere kwartfinales spelen de nummers twee van de groep tegen de nummers drie van de andere.

Nederland plaatste zich in april voor de Super Final door de Europese finaleronde van de World League te winnen.

Voor de winnaar van het toernooi ligt een ticket voor de Spelen van 2020 in Tokio klaar. Op het WK dat volgende maand in China wordt gespeeld, is eveneens een ticket te verdienen.