De Nederlandse curlers zijn op het WK in Canada als tiende geëindigd. De ploeg van skip Jaap van Dorp won op de slotdag van hekkensluiter Zuid-Korea (8-7) en ging onderuit tegen het gastland (5-6).

Voor Oranje, dat eerder deze week al wist dat de play-offs onhaalbaar waren, was de zege op Zuid-Korea de vierde overwinning op dit WK. De curlers waren eerder te sterk voor olympisch kampioen de Verenigde Staten, Europees kampioen Schotland en China.

Duitsland en Rusland eindigden net als Nederland op vier zeges, maar staan op basis van onderlinge resultaten boven Oranje op de ranglijst. De Duitsers eindigden het WK als achtste en de Russen moesten zich met de zevende positie tevredenstellen.

De tiende plek is voor Nederland dezelfde klassering als vorig jaar op het WK. Ook in 1994 en 2017 wist Oranje zich te plaatsen voor het mondiale eindtoernooi. Toen eindigden de curlers respectievelijk als zevende en elfde.

'Kunnen ons meten met absolute top'

Skip Van Dorp verlaat het WK met een goed gevoel. "We hebben het Canada knap lastig gemaakt en met een beetje geluk hadden we ze gewoon kunnen verslaan. Daarmee hebben we in onze laatste wedstrijd nogmaals aangetoond dat we ons kunnen meten met de absolute top."

Ook bondscoach Shari Leibbrandt kijkt tevreden terug op het WK in Canada, ook al hadden de curlers bij een topachtnotering voldaan aan de eisen van NOC*NSF voor een A-status. "Dit WK hebben we een paar fikse teleurstellingen moeten verwerken, maar we hebben ook weer heel veel geleerd."

"In de laatste wedstrijd hebben we het Canada echt moeilijk kunnen maken", vervolgt Leibbrandt. "Met Wouter (Gösgens, red.) dit jaar voor het eerst op de positie om de laatste steen te gooien, hebben we een hoog niveau weten te behalen. Wouter heeft een paar schitterende laatste stenen gegooid."