Marcel Hirscher heeft zondag bij de WK skiën in het Zweedse Are zijn wereldtitel op de slalom geprolongeerd. De Oostenrijker hield zijn landgenoten Michael Matt (tweede) en Marco Schwarz (derde) achter zich.

Matt gaf over twee runs 0,65 seconde toe op de 29-jarige Hirscher en Schwarz was 0,76 seconde langzamer.

Hirscher legde de basis voor zijn wereldtitel in de eerste run, waarin hij met afstand de snelste tijd noteerde. In de tweede manche kwam hij niet verder dan de 25e tijd, maar desondanks hield hij voldoende voorsprong over op de concurrentie.

Alexis Pinturault had de tweede tijd na de eerste omloop, maar de Fransman werd door een foutje uiteindelijk vierde. Olympisch kampioen André Myhrer kwam niet verder dan de dertiende plaats. De Nederlander Max van Rossum eindigde als 36e.

Voor Hirscher is het zijn derde wereldtitel op de slalom. Behalve dit jaar en in 2017 eiste hij het goud op dit onderdeel in 2013 voor zich op. Dat was de eerste wereldtitel in zijn carrière.

Hirscher op gelijke hoogte met Sailer

In totaal heeft Hirscher nu zeven wereldtitels op zijn palmares staan. Daarmee komt hij op gelijke hoogte met recordhouder Toni Sailer, die in de jaren vijftig ook zeven keer wereldkampioen werd. Hirscher won wel twee gouden medailles in de landenwedstrijd.

De Oostenrijker veroverde zondag zijn eerste wereldtitel tijdens deze WK. Afgelopen vrijdag moest hij, gehinderd door een zware verkoudheid, achter de Noor Henrik Kristoffersen genoegen nemen met het zilver op de reuzenslalom.

"Het ging alweer een stuk beter", vertelde Hirscher zondag. "Mijn begeleiders hebben er alles aan gedaan om mij fit aan de start te krijgen. Het is ongelooflijk dat ik nu drie wereldtitels op de slalom heb, na misschien wel mijn laatste WK."

Bij de Olympische Winterspelen pakte Hirscher vorig jaar goud op zowel de combinatie als de reuzenslalom.