Noord-Korea en Zuid-Korea staan er volgens IOC-voorzitter Thomas Bach positief tegenover om bij de Olympische Zomerspelen van 2020 in Tokio onder één vlag het stadion binnen te komen bij de openingsceremonie en om in meerdere sporten gezamenlijke teams te laten meedoen.

"Na de gesprekken die we gisteren gevoerd hebben, is het duidelijk geworden dat beide landen zeer geïnteresseerd zijn om een aantal gezamenlijke acties te hebben bij de Olympische Spelen van Tokio", aldus Bach vrijdag in Lausanne.

Het IOC meldt op zijn site dat er gekeken gaat worden of er in vrouwenbasketbal, vrouwenhockey, het gemengde teamonderdeel bij het judo en in zes roeiklasses een gezamenlijk Koreaans team kan komen in Tokio. Mogelijk komen daar nog andere sporten bij.

Officials van Noord- en Zuid-Korea waren ook in het Zwitserse hoofdkwartier van het internationaal olympisch comité om te praten over een mogelijk gezamenlijk bid voor de Olympische Zomerspelen van 2032.

Vorig jaar september besloten de Zuid-Koreaanse president Moon Jae-in en de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un dat ze wilden kijken of de Spelen van over dertien jaar naar de Korea's gehaald kunnen worden.

"Zuid-Korea hoopt heel erg dat we samen met Noord-Korea de Spelen van 2032 kunnen organiseren", zei Do Jong-hwan, de Zuid-Koreaanse minister van sport, vrijdag.

Korea's liepen onder één vlag in Pyeongchang

De olympische beweging is eerder gebruikt om de relatie tussen Noord- en Zuid-Korea te verbeteren.

Vorig jaar liepen beide landen, die formeel nog steeds in oorlog zijn, onder één vlag tijdens de openingsceremonie voor de Winterspelen in het Zuid-Koreaanse Pyeongchang.

Bovendien deed bij het ijshockeytoernooi voor vrouwen een team mee met speelsters uit zowel Noord- als Zuid-Korea.