Mathieu van der Poel vindt zijn honderdste zege zaterdag in het veldrijden niet extra speciaal. De pas 23-jarige Brabander is wel blij met de manier waarop hij de sterkste was in de cross in Gullegem.

"Het was de bedoeling om het wat rustig aan te doen met het oog op morgen, maar tegenwoordig kun je geen cross meer op je gemak winnen", zegt hij in gesprek met Sporza.

"Het was gelukkig wel een parcours dat me lag, met veel draaien en keren. De sfeer hier was ook ontspannen, met heel veel volk. Mijn eerste keer in Gullegem was plezant en het is tof dat ik hier mijn honderdste kan pakken. Meer ook niet."

Van der Poel had geen concurrentie van Wout van Aert en Toon Aerts, de twee Belgen die het hem dit seizoen zo af en toe weleens moeilijk maken.

De Europees kampioen was dan ook een klasse apart in Gullegem. Hij reed met nog twee rondes voor de boeg de laatst overgebleven medevluchter Gianni Vermeersch uit het wiel en kwam vervolgens solo over de finish.

Achter Van der Poel legden de Belg Vermeersch en zijn broer David van der Poel beslag op respectievelijk het zilver en het brons.

Van der Poel kreeg op podium grote taart

Van der Poel kreeg op het podium een grote taart, versierd met een foto waarop hij juichend over de finish komt en met  'Proficiat' in marsepeinen letters eronder.

"Ik ben zelf niet zo met die cijfers bezig. Het is leuk om er al zoveel te hebben, dat is een goed teken. Maar ik tel ze niet. Ik weet ook dat bijvoorbeeld Nys er nog veel meer heeft", vertelde hij.

"De taart heb ik wel door mijn management mee laten nemen. Ik heb al een stukje geproefd en hij was ontzettend lekker."

Van der Poel staat zondag in Brussel weer aan de start van de wedstrijd om de DVV Trofee. Hij moet daar wel zien af te rekenen met Van Aert en Aerts en ook met Lars Boom, die na bijna twee jaar zijn rentree in het veld maakt.

Van der Poel boekte op 16 februari 2014 zijn eerste zege bij de profs en daarna volgde onder meer een wereldtitel (2014) en twee Europese titels (2017 en 2018).