De Nederlandse volleybalsters zijn er vrijdag niet in geslaagd de finale van het WK te bereiken. De ploeg van bondscoach Jamie Morrison verloor in de halve finales in vier sets van Servië: 22-25, 28-26, 19-25 en 23-25.

Door de nederlaag in het Japanse Yokohama is Oranje veroordeeld tot de strijd om het brons. Tegenstander in die troostfinale is olympisch kampioen China, dat in de halve eindstrijd onderuit ging tegen Italië (2-3).

Nederland plaatste zich voor de halve finales dankzij een 3-2-overwinning op de Verenigde Staten, de uittredend wereldkampioen. De ploeg van Morrison verloor het andere duel in de Final Six van China (1-3).

Mocht Oranje de strijd om de derde plek (zaterdag vanaf 10.20 uur in Yokohama) winnend afsluiten, dan pakt het voor het eerst in de historie een WK-medaille. Vier jaar geleden eindigde Nederland op de dertiende plek.

Europees kampioen Servië en Nederland stonden eerder dit WK ook al tegenover elkaar. Oranje won in de tweede groepsfase met 3-0, al speelden de Servische vrouwen toen niet in de sterkste opstelling.

Boskovic van grote waarde bij Servië

Nederland begon door de simpele zege eerder dit WK met vertrouwen aan de halve finale, maar keek al vroeg tegen een achterstand aan.

Servië leunde op de sterk spelende Tijana Boskovic, de absolute sterspeler bij de Servische vrouwen die met 29 punten de topscorer van het duel werd, en liep mede door slordige services van Nederland uit naar 14-10.

Die marge werd dankzij topscorer Lonneke Slöetjes (totaal 23 punten) nog wel iets kleiner (23-21), maar Oranje was niet bij machte om setverlies te voorkomen. Desondanks ging de formatie van Morrison in het tweede bedrijf uitstekend van start.

Oranje toont veerkracht in vierde set

Nederland pakte de voorsprong, maar zag Servië door drie punten op rij de leiding overnemen. Opnieuw moest Oranje in de achtervolging en leek Servië met een ruime marge naar setwinst toe te werken, maar Nederland richtte zich op tijd op.

Van 15-19 in het voordeel van Servië werd het 20-20, waarna Oranje uitliep naar een voorsprong van 24-21 en opeens drie setpunten kreeg. De Servische vrouwen sloegen twee setpunten weg en overleefden dankzij een challenge - een Nederlandse bal eindigde toch net naast de lijn - ook nog een derde setpunt.

Vlak daarna kreeg Oranje zelfs een setpunt tegen nadat Yvon Beliën in het Servische blok sloeg, maar Oranje trok dankzij twee knappe punten alsnog aan het langste eind.

Servië leek wat aangeslagen door het setverlies en zag Oranje in set drie op een 8-5-voorsprong komen, maar aan de hand van Boskovic en Brankica Mihajlovic knokte Servië zich weer terug in de wedstrijd. Daarna ging het lang gelijk op, maar in de slotfase liep Servië opnieuw snel uit en benutte het een van de liefst zes setpunten.

In de vierde set leek er snel een einde aan de wedstrijd te komen nadat Servië op een 8-3-voorsprong kwam, maar Oranje toonde de nodige veerkracht door vijf punten op rij te pakken en de stand gelijk te trekken. Opnieuw waren de twee ploegen zeer aan elkaar gewaagd, maar vooral dankzij uitblinker Boskovic trok Servië net aan het langste eind.