De Russische atletiekbond stapt naar het internationale sporttribunaal CAS om alsnog af te dwingen dat sporters uit het land weer aan internationale wedstrijden mogen meedoen.

Het mondiale antidopingbureau WADA besloot vorige week om de schorsing van het Russische antidopingagentschap RUSADA op te heffen, maar atletiekfederatie IAAF ging niet mee in dat besluit.

De bond liet weten eerst een rapport van een eigen onafhankelijke werkgroep in december af te willen wachten. Bovendien vindt de IAAF dat de Russen de rol van de staat erkennen en dat ze toegang verlenen tot de testmaterialen en data. Het is nog niet bekend wanneer de zaak bij het CAS dient.

Antidopingbureau RUSADA kreeg in 2015 een schorsing opgelegd vanwege het grootschalige dopinggebruik in de Russische sport.

Een rapport van Richard McLaren toonde twee jaar geleden aan dat vooral tijdens de Olympische Winterspelen van 2014 in Sochi sprake was van een door de staat ondersteund dopingprogramma in Rusland.

Veel kritiek op beslissing WADA

Het WADA kreeg veel kritiek na het opheffen van de schorsing van het RUSADA. De Nederlandse Dopingautoriteit vindt het besluit onbegrijpelijk en de atletencommissie van de IAAF noemt het "een grote fout".

Ook Svein Arne Hansen, de voorzitter van de Europese atletiekbond, zette zijn vraagtekens bij de beslissing. "Het is waarschijnlijk bedoeld als een stap vooruit, maar dit is juist een stap terug", zei hij.

De atletencommissie van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) schaarde zich zaterdag wél achter de keuze van het WADA en denkt dat een opheffing van de schorsing juist voor meer transparantie zal zorgen.

De Russen mochten door alle dopingperikelen in februari bij de Winterspelen in Pyeongchang niet onder de eigen vlag uitkomen en alleen sporters met een aantoonbaar 'schoon' verleden waren welkom.