Waterpolosters naar laatste vier bij superfinale World League

De Nederlandse waterpolosters hebben donderdag de halve finales bereikt bij de superfinale van de World League. De ploeg van bondscoach Arno Havenga kende in de kruisfinales zoals verwacht weinig problemen met Japan: 18-7.

De periodestanden waren 2-1, 6-1, 4-3 en 6-2. Oranje is nog altijd ongeslagen op het toernooi in de Chinese stad Kunshan. De ploeg won in de groep van Australië (7-5), Spanje (7-6) en gastland China (10-7).

Als poulewinnaar trof Oranje in de kruisfinale Japan, dat met drie nederlagen onderaan eindigde in de andere groep. In de halve finale neemt de ploeg van Havenga het vrijdag op tegen de winnaar van China-Canada.

Maud Megens nam vijf doelpunten voor haar rekening en Simone van de Kraats scoorde drie keer. Kitty-Lynn Joustra en Bente Rogge waren twee keer trefzeker.

"Het was een rare wedstrijd, zeker in het eerste kwart moesten we wennen aan de andere manier van spelen", zei Havenga, die vanwege de geringe tegenstand flink kon doorwisselen. "Uiteindelijk hebben we met 18-7 gewonnen en dat is een overtuigende manier om je te plaatsen voor de halve finales."

Spanje

De waterpolosters hadden zich begin deze maand geplaatst voor de superfinale van de World League dankzij een nipte zege op Spanje (11-10) in de laatste groepswedstrijd van de Europese kwalificatie.

Oranje kwalificeerde zich vorig jaar ook al voor de superfinale en eindigde toen als vijfde. In 2015 pakte de ploeg het brons in de World League, de beste prestatie tot nu toe.

Rusland versloeg vicewereldkampioen Spanje via strafworpen (12-11) en neemt het in de andere halve finale op tegen Australië of de Verenigde Staten, die de laatste vier edities van de World League wonnen.

De finale van het prestigieuze toernooi in Kunshan wordt op zaterdag gespeeld.

Tip de redactie