Nadine Visser kon zaterdag nauwelijks bevatten dat haar naam als derde op het scorebord verscheen bij de 60 meter horden op de WK indoor. De atlete had nooit verwacht dat ze brons zou winnen in Birmingham.

"Ik dacht: staat het er nou echt? En ja, het stond er", stamelde de 23-jarige Visser bij de NOS. "Ik ben echt superblij. Dit is toch bizar? Het besef moet echt nog even komen, denk ik."

Visser liep in de finale een tijd van 7,84 seconden en daarmee was de Hoornse één honderdste van een seconde langzamer dan het Nederlands indoorrecord dat ze eerder op zaterdag liep in de halve finales.

"Maar dit was weer een goede race. Ik heb m'n hoofd koel weten te houden en dan moest ik maar afwachten wat de rest deed en waar het me bracht. Nou, dat zien we nu."

Het brons is haar eerste medaille op een internationaal kampioenschap. In de halve finales was ze zes honderdsten sneller dan het nationale record van Marjan Olyslager uit 1989 en ging ze als derde door naar de eindstrijd.

Spanning

Visser had al een tijdje het gevoel dat er toptijden aan zaten te komen. "Ik wist al wel dat het erin zat om sneller te gaan. Hier voelde ik in de warming-ups weer dat het goed zat, ik kon gewoon goed gefocust blijven en ervan genieten."

"Ik merkte vandaag wel dat ik spanning nodig heb, want ik was voor de halve finale zo zenuwachtig. Dat hielp. Voor de finale had ik niet echt tijd om zenuwachtig te worden, maar de gezonde spanning was er wel."

Met haar bronzen race bevestigde Visser dat ze het in zich heeft om zich op de horden met de allerbesten te meten. De Noord-Hollandse moet voor zichzelf echter nog de beslissing nemen of ze zich daar vol op gaat richten, of ook mee blijft doen aan de meerkamp.

"Ik moet echt even kijken hoe het loopt de komende tijd. Of ik nog plezier in de meerkamp heb en of ik het nog wil natuurlijk."

Bij de WK indoor komt Visser niet in actie als meerkampster. Haar enige doel in Birmingham was een finaleplek op de 60 meter horden.