Seksuele intimidatie en misbruik in de sport komen vaak voor. Dat concludeert de commissie onder leiding van oud-minister Klaas de Vries die hier onderzoek naar deed.

Van de ondervraagde sporters, bijna tweeduizend Nederlanders tussen de 18 en 50 jaar, had 12 procent als kind minimaal één ervaring met seksueel grensoverschrijdend gedrag. 4 procent geeft aan te maken te hebben gehad met ernstige vormen als aanranding en verkrachting.

In 40 procent van de gevallen wordt een medesporter als 'dader' genoemd. Bij driekwart van de sporters die te maken heeft gehad met seksuele intimidatie en misbruik, gebeurde dat voor het eerst toen ze jonger dan zestien jaar waren.

De onderzoekscommissie concludeert (pdf) ook dat meldingen bij sportverenigingen slechts sporadisch tot bestuurlijke maatregelen leiden. Volgens De Vries is een veel actievere bestrijding van seksuele intimidatie en misbruik noodzakelijk.

Zijn commissie pleit ervoor de drempels om aangifte te doen, weg te halen en het budget voor het Instituut Sportrechtspraak te vergroten. Ook moeten de ministeries die zich bezighouden met bestrijden van seksuele intimidatie en misbruik veel beter gaan samenwerken.

"De uitkomsten van het onderzoek zijn zonder meer onthutsend", zei de Vries dinsdag in Den Haag bij de presentatie van het rapport van zijn commissie. "We hebben te maken een met een zeer groot probleem waar met de grootste urgentie aan moet worden gewerkt. Permanent."

Aanbevelingen

De commissie-De Vries doet meer dan veertig aanbevelingen in zijn rapport. De meeste daarvan zijn voor sportkoeple NOC*NSF.

"Er wordt in de sportwereld te veel weggekeken. En er wordt niet genoeg aangifte gedaan, de tuchtrechter heeft te weinig te doen", aldus De Vries dinsdag.

"Ik hoop dat het duidelijk is na dit rapport dat het tijd is voor permanente actie. Zodat er consequent wordt gewerkt aan het terugdringen van seksuele intimidatie en misbruik in de sport."

Engeland

Naar aanleiding van onthullingen in Engeland, waar oud-voetballers vertelden in hun jeugd seksueel misbruikt te zijn, besloot NOC*NSF eind vorig jaar onderzoek te laten doen naar de situatie in Nederland.

De Vries werd gevraagd het onderzoek te leiden. De oud-minister kreeg daarbij assistentie van voormalig staatssecretaris Clémence Ross-van Dorp en Egbert Myjer, rechter bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Nederlandse (oud-)sporters als Marijn de Vries en Petra de Bruin vertelden openlijk te maken te hebben gehad met intimidatie en misbruik. Iets meer dan honderd sporters meldden zich de voorbije maanden met soortgelijke verhalen bij de onderzoekscommissie.

Ook hiervan kreeg een groot aantal, zo'n 80 procent, al op jonge leeftijd te maken met seksuele intimidatie of misbruik. Bij het Vertrouwenspunt Sport zijn sinds 2001 precies 686 gevallen gemeld. In 70 procent van de gevallen was de pleger een begeleider.