De Nederlandse handbalsters hebben op het WK in Duitsland de eerste overwinning geboekt. China werd door de ploeg van bondscoach Helle Thomsen zondag in Leipzig met ruime cijfers verslagen: 40-15.

Oranje herstelde zich daarmee van de met 22-24 verloren openingswedstrijd van zaterdag tegen Zuid-Korea. Met twee punten uit twee duels bezet de nummer vier van de Olympische Spelen van Rio de Janeiro voorlopig de derde plaats in groep D.

Angela Steenbakkers, Estavana Polman en Angela Malestein scoorden vijfmaal tegen China. Tegen Zuid-Korea was Lois Abbingh nog de uitblinker aan Nederlandse kant door elf van de 22 treffers te maken, maar tegen China wist ze het doel niet te vinden.

De nummers één tot en met vier van de vier poules van zes landen plaatsen zich voor de achtste finales. Nederland speelt in de groepsfase nog tegen Kameroen, Servië en Duitsland.

Twee jaar geleden schopte Nederland het op het WK in Denemarken tot de finale. Daarin was Noorwegen met 31-23 te sterk.

Verschil

De vicewereldkampioen had niets te duchten van China, dat op het vorige WK al met ruim verschil werd verslagen (42-21) en zaterdag met twintig punten verschil het onderspit moest delven in de groepswedstrijd tegen Servië.

China opende nog wel de score, maar daarna gingen er vijf punten op rij naar Oranje. De Aziaten kwamen terug tot 6-3, maar daarna liep Nederland in snel tempo uit naar een royale voorsprong van tien punten (13-3).

Nederland ging, mede dankzij vijf treffers van Malestein, rusten met een 20-9 voorsprong. Ook na rust bleef het klasseverschil met de nummer zeventien van het vorige WK groot. Oranje gaf verdedigend minder weg dan in de eerste helft en boekte uiteindelijk een zege met 25 punten verschil.

Kameroen is dinsdag om 15.30 uur de volgende tegenstander van Nederland. Het Afrikaanse team is na nederlagen tegen Servië en Duitsland na twee duels nog puntloos.