Volgens bondscoach Jeroen Otter was het "niet optimaal" dat de Nederlandse shorttrackploeg deze zomer door de verbouwing van Thialf moest uitwijken naar andere trainingslocaties.

"Maar ik denk dat we wel hebben geprobeerd om de op een na beste voorbereiding te draaien", zegt Otter, die in januari zijn zorgen uitsprak over het feit dat zijn pupillen deze en volgende zomer niet op hun vaste trainingslocatie terecht kunnen, omdat er door de verbouwing geen zomerijs ligt in Thialf

De shorttrackers hebben zich nu in Leeuwarden, Enschede, Inzell en Bormio klaargemaakt voor de komende winter. "We hebben ons ongelooflijk moet aanpassen", vervolgt Otter. "Maar ik ben wel iemand die zegt dat degene die zich het beste weet aan te passen, de grootste overlevingskansen heeft. Wat Charles Darwin zei, geldt bij ons sporters ook."

"Natuurlijk willen wij graag in Thialf trainen. Ik heb een paar Friezen in mijn selectie, maar de rest is naar Heerenveen verhuisd voor de sport, ik ook. Heerenveen is voor mij dus de belangrijkste trainingshaven en dat moet het ook weer worden."

De bondscoach kan niet voorspellen wat de aangepaste voorbereiding zal betekenen voor de resultaten van zijn ploeg. "Dat moet vanaf de eerste wereldbeker in Montreal (30 oktober tot en met 1 november, red.) blijken."

"We hebben concessies moeten doen. Ik kan me daar vooraf heel erg druk om maken, maar op het moment dat het zo is, kan ik het ook van me af laten glijden."