De Nederlandse hockeyers hebben zaterdag op zeer overtuigende wijze het EK in Engeland gewonnen. De ploeg van Max Caldas versloeg de titelhouder Duitsland in de finale met liefst 6-1.

Nooit eerder won een ploeg met zulke grote cijfers in een Europese titelstrijd en dat terwijl Oranje nooit eerder van Duitsland had gewonnen in een EK-finale. De zes voorgaande duels gingen allemaal verloren. 

In totaal was het de elfde keer dat de hockeyers in een EK-finale stonden en de vierde keer dat ook de titel werd gepakt. De laatste triomf was in 2007. Ook in 1983 en 1987 was Nederland de sterkste.

Zondag kunnen de Oranje-vrouwen ook nog goud pakken. De ploeg van bondscoach Sjoerd Marijne treft in de eindstrijd in Engeland het gastland.

Backhand

De mannen gaven zaterdag het goede voorbeeld. 'Kenners' die zeker in het eerste kwart een soort schaakspel verwachtten, kwamen bedrogen uit. Al in de derde minuut waren Robbert Kemperman en Thierry Brinkman dicht bij de openingstreffer.

Uit de eerste strafcorner van Mink van der Weerden kwam Billy Bakker in de zesde minuut tot scoren. De aanvaller van Amsterdam kreeg de bal pardoes voor zijn stick waarna hij met zijn befaamde backhand doeltreffend uithaalde: 1-0.

Een minuut later miste Duitsland een dubbele kans op de gelijkmaker. De labiele olympisch kampioen stortte daarna volledig in onder de aanhoudende druk van het bij vlagen swingende Oranje.

Revanche

Twee trefzekere strafcorners van Van der Weerden en prachtige treffers van Jeroen Hertzberger en Rogier Hofman, met de backhand in scherpe counters, zorgden voor een ongekende ruststand van 5-0.

Na de pauze verzuimden Constantijn Jonker, Van der Weerden en Hertzberger het ontredderde Duitsland in het derde kwart nog meer pijn te doen.

In het laatste kwart pikte ook Mirco Pruyser nog een (fraai) doelpuntje mee (6-0) waarna Christopher Rühr voor de 6-1 eindstand zorgde.

Met de ruime zege nam Oranje, drie jaar na de verloren olympische finale in hetzelfde sportpark, een late revanche op Duitsland.