Atletiek

Polsstokhoogspringer Koppelaar vecht dopingschorsing aan

Rutger Koppelaar is naar de rechter gestapt om zijn schorsing van twee jaar wegens doping aan te vechten.

De polsstokhoogspringer werd in juli 2014 in Duitsland positief bevonden, maar is van mening dat er zowel bij de afname van de urine als bij de analyse in het laboratorium procedurefouten zijn gemaakt.

Om de 'schuldigen' onder ede te kunnen horen, spande Koppelaar een kort geding aan dat dinsdag in Arnhem diende. De uitspraak is over twee weken.

De 22-jarige Dordtenaar hoopt dat zijn schorsing in afwachting van de getuigenverklaringen wordt opgeschort en dat hij de kans krijgt zich te kwalificeren voor de Olympische Spelen.

Koppelaar plaatste zich vorig jaar met een sprong over 5,55 meter voor de EK in Zürich, maar kwam daar door de dopingaffaire niet aan de start. De limiet voor deelname in Rio de Janeiro is 5,70.

Gang van zaken

Koppelaar liet zijn advocaat Remco Wortel dinsdag het woord voeren over de gang van zaken bij de dopingcontrole.

"De afname was onzorgvuldig, over de duur van het gekoeld bewaren van de samples is discussie en het potje stond mogelijk in een vervuilde omgeving", aldus de jurist, die zich zei te baseren op uitlatingen van deskundigen.

De Atletiekunie is verbaasd dat de atleet nu pas in actie komt tegen zijn schorsing, die begin dit jaar met terugwerkende kracht werd opgelegd door de tuchtcommissie van het Instituut Sportrechtspraak.

Hij had meteen beroep kunnen aantekenen bij het ISR of het internationale hof van arbitrage (CAS), vindt de bond. "In het tuchtrecht kun je iemand niet onder ede horen. Dat kan bij een rechtbank wel", lichtte Wortel de keus toe.

Tip de redactie