Het contrast met de successen van de Nederlandse vrouwen is nog steeds groot, maar waar afgelopen december geen enkele Nederlandse man zich plaatste voor de WK kortebaan in Doha, hebben zich na donderdag drie zwemmers gekwalificeerd voor de WK langebaan deze zomer in Rusland.

"Dat is natuurlijk beter dan nul. Dan hebben we dat gezeur gelukkig ook niet", lacht Sebastiaan Verschuren, die donderdag bij de Swim Cup in Eindhoven onder de WK-limiet op de 100 vrij dook.

Zwemsters als Ranomi Kromowidjojo, Marleen Veldhuis en Femke Heemskerk zorgden in de afgelopen jaren voor aardig wat Nederlandse medailles op WK's langebaan en Olympische Spelen, maar het zilver van Pieter van den Hoogenband op de 200 vrij bij de WK in 2007 was de laatste podiumplek van een Nederlandse man op mondiaal niveau.

"Er staat al langer vast dat er iets moet gebeuren in het Nederlandse mannenzwemmen", zegt coach Martin Truijens, die onder anderen Verschuren onder zijn hoede heeft, in gesprek met NU.nl. "Maar nul zwemmers in Doha was echt het dieptepunt."

Lichtpunten

Met Verschuren, Ferry Weertman en Maarten Brzoskowski hebben in elk geval drie Nederlandse zwemmers zich al geplaatst voor de WK in augustus in Kazan. De komende drie dagen van de Swim Cup zouden daar nog namen bij kunnen komen.

Truijens ziet bovendien enkele lichtpunten voor de toekomst. "Talenten als Jesse Puts, Kyle Stolk en Mathys Goosen komen eraan. Die namen vallen op, maar daarachter zit weer een jongere generatie waar ik me zorgen om maak: de 9- tot 13-jarigen."

Allereerst moet de generatie van onder anderen Puts het laten zien, wat volgens de jonge zwemmer zelf steeds meer gebeurt. "Dit seizoen gaat het voor mij bijvoorbeeld steeds beter op de 100 meter vrij", zegt het 20-jarige talent. "En Kyle zwemt ook heel goed. Ik denk dat nul zwemmers in Doha een incident was."

Volgens Truijens speelt het probleem echter al langer. "De Spelen in Londen waren nog niet eens zo slecht, met een estafettefinale en twee mannen in een individuele finale, maar ten opzichte van de vrouwen lopen de mannen al jaren dik achter."

"Dat probleem is ook al jaren bij ons bekend en daar werken we ook aan. Het heeft alleen nog niet hetzelfde resultaat opgeleverd als bij de vrouwen”, legt Truijens uit in het Pieter van den Hoogenband zwemstadion.

Minder serieus

Het ontbreekt de jonge generatie Nederlandse zwemmers niet aan ambitie. "Ik hoop ooit richting het niveau van Pieter van den Hoogenband te gaan", zegt Puts. "Maar dat zal nog jaren duren. De 50 meter ligt mij vooralsnog beter, maar ik ben nog jong.”

Puts wist zich nog niet te kwalificeren voor Kazan. Zijn generatiegenoot Brzoskowksi deed dat al wel. De 19-jarige zwemmer plaatste zich op de Swim Cup - die nog tot en met zondag duurt en voor Nederlanders de laatste kans is om een ticket voor Kazan veilig te stellen - voor de 800 meter vrij en in december al voor de 1500 meter vrij.

"Ik denk dat de WK in Doha een wake-up-call was voor het Nederlandse mannenzwemmen", zegt Brzoskowski. "Al wordt de kortebaan misschien ook minder serieus genomen door sommige zwemmers, omdat de Spelen een langebaantoernooi zijn en dat toch het enige is wat echt telt."