Technisch directeur Joop Alberda van de Nederlandse zwembond KNZB weet nog niet waar zijn toekomst ligt.

Zijn contract loopt op 1 september officieel af. De oud-volleybalcoach wil alleen aanblijven als zijn nieuwe beleidsplan op weg naar 2020 wordt goedgekeurd.

Het bestuur van de KNZB vergadert hier dinsdag over. ''Ik ga nu eerst een maand zeilen. Als ik terug kom, hoor ik wel wat de uitkomst is", aldus Alberda.

Met nog twee jaar tot de Spelen in Rio de Janeiro is er volgens Alberda werk aan de winkel als Nederland in 2016 een rol van betekenis wil blijven spelen. Alberda is positief gestemd, maar ziet ook in dat er dingen moeten veranderen en heeft zodoende een nieuw beleidsplan opgesteld.

''We zijn op de goede weg met deze ploeg", zei hij na een oogst van zes medailles bij de EK in Berlijn. ''Er komen jonge zwemmers aan. Jesse Puts en Maarten Brzoskowski hebben hier persoonlijke records gezwommen ook bij de jeugd Olympische Spelen lieten een paar talenten zien hard te kunnen zwemmen."

Elitegroep

Met het nieuwe plan wil Alberda een zogenaamde elitegroep creëren met uitzonderlijke zwemmers, die op grond van onder meer hun prestaties en instelling recht krijgen op privileges. Daaronder komt een club met talenten die de overstap kunnen verdienen.

''Voor een deel van de zwemmers is de ondergrens niet hoog genoeg, die zullen opgejaagd moeten worden. Je moet jezelf bewijzen om mee te mogen naar exclusieve stages. We gaan niet langer op stap met een grote groep.''

Zilveren Van Rouwendaal: 'Dit is een onmenselijke tijd'