Wopke de Vegt, technisch directeur van de Nederlandse Skivereniging, arriveerde later dan gepland in Sotsji, maar stelde op zijn eerste dag naast de pistes tevreden vast dat zijn atleten goed terecht waren gekomen. "Het ziet er hier allemaal geweldig uit."

De Vegt genoot zaterdag zichtbaar van de mooie weersomstandigheden in het Rosa Khutor Extreme Park, waar de freestylesnowboardwedstrijden plaatsvinden. "Zowel het sportieve gedeelte als het dorp ziet er hier goed uit. Het gaat er ook ontspannen aan toe allemaal. Zoals het hoort in de bergen."

Ook de kwaliteit van de sneeuw kon rekenen op de goedkeuring van De Vegt. "Tot nu toe wel tenminste. Later in de week gaat het sneeuwen, waarschijnlijk tijdens de wedstrijden in de halfpipe. Ik weet niet of we daar blij mee moeten zijn. Maar goed, dat is afwachten. Het weer kunnen we sowieso niet veranderen."

Inmiddels is bijna zijn hele ploeg, ook de bobsleeërs vallen onder de verantwoording van De Vegt, geïnstalleerd in Sotsji. Alleen de alpinesnowboarders Nicolien Sauerbreij en Michelle Dekker en de bobsleeploeg van piloot Edwin van Calker moeten nog afreizen naar Rusland.

Faciliteiten

Toch zag De Vegt een aantal van zijn atleten al weer 'vertrekken'. De damesbob van Esmé Kamphuis kiest ervoor om de komende dagen, zolang de bobsleebaan dicht is, aan de kust te trainen omdat de faciliteiten daar beter zijn.

"We hebben daar een heel mooie atletieklokatie gevonden", legt De Vegt uit. "Daar kunnen ze goed trainen en dan eten ze in het atletendorp van het zeecluster."

"Het is redelijk uniek dat we dit gevonden hebben. Veel andere landen zijn naar Istanbul gevlogen om daar te trainen op een atletiekbaan. Maar wij kenden iemand hier en die vond dit complex voor ons. Wij hoeven daardoor onze atleten niet in het vliegtuig te stoppen. Daar pakken we zowel fysiek als mentaal een voordeel mee."

Bob de Jong

Tegenover het vertrek van de bobsleesters staat de komst van Bob de Jong. Op de vraag of er eerlijk geruild was, moest De Vegt, oud-bondscoach van het langebaanschaatsen, lachen.

"Bob is altijd welkom. Een prima kerel en het is goed voor de teamspirit als er ook atleten van andere disciplines bij komen. Ik ben blij dat Bob ook dit keer weer even de bergen in gaat, want dat doet hij eigenlijk altijd wel."

"Hij wil het altijd net even anders doen. Even fietsen, een frisse neus halen. De rust opzoeken. Dat doet hij goed. In het verleden werkte dat ook voor hem en dat moet je niet veranderen. Dit zal Bob de laatste prikkel geven die hij nodig heeft."

De Vegt beaamt dat hij, dankzij zijn schaatsachtergrond, makkelijk 'klikt' met de stayer. "We spreken dezelfde taal, het schaatsen is bij mij natuurlijk niet verdwenen. Dat zal er altijd blijven. Maar sport is natuurlijk al snel hetzelfde. Ik kan makkelijk met alle soorten sporters praten."

Vader

De technisch directeur arriveerde later in Rusland omdat hij vlak voor het begin van de Spelen vader werd. Toch zegt hij het niet lastig te vinden zo vroeg al zolang van huis te zijn.

"Het gaat gelukkig allemaal super thuis. Moeder en kind worden ook goed verzorgd, dat maakt het makkelijker. Natuurlijk zou het fantastisch zijn om elke dag zo vaak mogelijk die kleine in mijn armen te hebben, en dan die andere woesteling bungelend aan mijn andere arm."

"Maar dat moeten we gewoon even missen tot de 24ste, dan kan het weer. Dat is het leven dat wij leiden, dit hoort erbij."