Het protest dat Badminton Nederland had aangetekend tegen het stoppen van de subsidiëring door NOC*NSF is afgewezen.

Het bondsbestuur zag eerder dit jaar het Topsport Investeringsplan 2013-2016 niet gehonoreerd door de sportkoepel en maakte bezwaar tegen dat besluit bij de Beroepscommisie Bestedingsplan Sportagenda. Deze zag geen reden voor een herziening.

De badmintonbond reageerde dinsdag teleurgesteld, te meer omdat ze vindt dat de onduidelijkheid over de verdeling van de beschikbare gelden onder de verschillende takken van sport niet is weggenomen.

Ook zonder financiële ondersteuning van NOC*NSF blijft het echter de doelstelling Nederlandse badmintonners aan de start te krijgen in Rio de Janeiro.

De beroepscommissie stelde de KNBSB wel in het gelijk ten aanzien van de softbalsters.

De bond maakte aannemelijk dat de prestaties van zowel de nationale vrouwenselectie als Jong Oranje de voorbije jaren op wereldniveau een stijgende lijn te zien hebben gegeven die aan de subsidiecriteria voldoet. NOC*NSF zal op korte termijn een nieuw besluit nemen over het sotfbalprogramma.

IJshockey

Drie bonden wachten nog op een uitspraak van de beroepscommissie. Ruud Vreeman, sprak dinsdag tijdens de algemene vergadering van NOC*NSF namens de ijshockeybond.

,,Wij komen in grote nood en als je niet meer kunt deelnemen aan WK's wordt de kern van je functioneren als sport geraakt'', zei de voorzitter van de NIJB.

Vreeman erkende dat de Jaaragenda 2016, waarin subsidiekeuzes zijn gemaakt met het oog op te leveren topprestaties met name op Olympische Spelen, op een democratische manier is goedgekeurd. ,,Maar ik vraag me af hoe die keuzes zich verhouden ten opzichte van de sportcultuur in Nederland.''