RIJSWIJK - Ze waren dit jaar helden voor een dag. Geweerschutter Peter Hellenbrand en handboogschutter Rick van der Ven brachten Nederland tijdens de Olympische Spelen in vervoering met hun verrichtingen. 

Hellenbrand schoot met zijn luchtgeweer scherper dan ooit, maar hij miste nipt een medaille. Van der Ven schakelde op de heilige cricketgrond van Lord's de Koreaanse topfavoriet uit, maar zag uiteindelijk een medaille net uit zijn handen glippen.

Na de Spelen trad al snel de stilte in. De schietsporten zijn zo klein in Nederland, dat de aandacht vrijwel direct wegebt. ''Je raakt eraan gewend en je stelt je er ook op in. Ik beoefen een onbekende sport en weet dat ik eens in de vier jaar in de belangstelling sta'', stelt Limburger Hellenbrand nuchter vast.

Hij haalde in Londen na zestig schoten de finale, waarin hij excelleerde met een score van 10,9. Niet eerder was een luchtgeweerschutter zo secuur in een olympische finale. Toch eindigde hij maar als vijfde. Hij vond de aandacht geweldig.

''Ik vond het leuk. Dan moet je pakken wat je kunt pakken. Direct na mijn wedstrijd zag ik al een berg Nederlandse journalisten in de mixed zone en daarna natuurlijk aan tafel bij Mart Smeets. Terug in Nederland was er de huldiging in Den Bosch, waar ik ook weer waardering voelde voor mijn prestaties. 'Super gedaan', hoorde ik mensen zeggen, die me herkenden.''

Van der Ven beleefde het ietwat anders. ''Voor de handboogsport is het goed dat die aandacht er is, maar voor mij persoonlijk hoeft het niet zo. Ik vond het wel leuk en je moet tijdens de Spelen de vragen netjes afwerken, maar op een gegeven moment heb je je verhaal vaak genoeg gedaan en ben ik er klaar mee.''

''Dan wil ik het afsluiten en weer verdergaan. Ik doe deze sport niet voor de aandacht, maar vooral omdat ik het leuk vind'', aldus de Brabander, die in zijn olympische wedstrijd uiterst koelbloedig de een na de ander uitschakelde en de strijd om het brons maar net verloor.

Waardering

Er was ook verschil in de waardering die beide schutters kregen van sportkoepel NOC*NSF. Hellenbrand kreeg een week na de Spelen al te horen dat er voor zijn topsportprogramma geen geld meer is.

''Schieten hoort niet bij de beruchte top tien. Dat was wel even het deksel op de neus. Zo van; dank voor bewezen diensten en tot over vier jaar.''

De handboogbond krijgt juist meer subsidie. ''Netto blijft er ongeveer hetzelfde bedrag om te besteden omdat een aantal sponsors is afgehaakt. Maar we hebben wel erkenning en worden gezien als een sport die voor de medailles kan gaan. Dat is positief. Voor mij is ook een traject uitgestippeld dat tot succes moet leiden in Rio in 2016. Londen was dus een tussenstation. Zou het daar minder goed zijn gegaan, was het niet erg geweest.''