Bij Fortuna Sittard kwam deze maand een sjeik op een wit paard het stadion binnenrijden. Een Braziliaans/Qatarese investeringsmaatschappij had wat geld over en wilde dat investeren in de Limburgse trots. Mark van Bommel, Kevin Hofland en Bert van Marwijk kwamen terug.

Door Charlie Bootsman

Het lijkt een passage uit een sprookje, maar volgens Nacer Abdellah was het echt waar. De Vlaamse Marokkaan moest alleen nog even het geld regelen. Drie weken later was de rekening van Fortuna nog steeds leeg. Verstandig genoeg besloot de club, net als FC Antwerp eerder, niet meer in zee te gaan met de oud-prof van onder meer FC Den Bosch en Telstar.

In zijn tijd als trotse speler van de Witte Leeuwen (de bijnaam van Telstar voor mensen die de Jupiler League niet wekelijks volgen) streek Abdellah neer als jeugdtrainer bij de RKVV Velsen. De vereniging was vereerd om een prof die met Marokko op het WK van 1994 had gespeeld te mogen verwelkomen op het sportpark in Driehuis.

Ikzelf maakte deel uit van de selectie van de C-junioren die Abdellah onder zijn hoede kreeg en vond het ook maar al te spannend. In de eerste weken liet hij ons altijd alleen maar loopschoenen meenemen naar de training. Rennen in de duinen en opdrukken als het niet goed ging. Geen pretje voor een gemiddelde brugklasser, maar we deden het zonder morren, want daarna kwamen de grote wedstrijden volgens de trainer.

Feyenoord

Al snel begonnen de beloftes. Jongens, we gaan een toernooi spelen in België. We spelen daar tegen alleen maar profclubs, zelfs Colo Colo uit Chili komt. Wekenlang konden we er niet van slapen. Een toernooi met profclubs in het buitenland, wat een happening. Twee weken later, toen we ons de dag voor het evenement opgetogen meldden om de laatste dingen te bespreken, ging het toernooi niet door. De organisator was er met de kas vandoor gegaan. Waarom dan? Dat is niet belangrijk, we maken er een gezellig weekend zonder voetbal van.

Ondertussen was Abdellah al doorgedrongen tot het eerste elftal van de lokale trots. Telstar zag het niet meer in hem zitten, mede omdat hij geblesseerd was afgehaakt voor een wedstrijd en toch stond te zaalvoetballen. Hij wist natuurlijk ook dat spelen in de hoofdmacht hem nog meer aanzien zou geven bij zijn pupillen. Die liepen al met hem weg, al was het maar omdat zijn trainerscapaciteiten wel groots waren.

Een paar maanden later vond Abdellah het tijd voor een nieuwe belofte. Hij probeerde het weer met een profclub, we zouden tegen het grote Feyenoord spelen. “Ongelofelijk zeg, jammer dat het de vorige keer niet doorging, maar nu gaan we er echt voor jongens”, was de reactie bij de spelertjes. We trainden ons helemaal suf in de weken voor de ontmoeting. Op de dag van de waarheid, waren de Rotterdammers niet op ons veld te bekennen. Waarom niet? Ja, ze konden opeens niet meer. Raar hè.

Scout bij Barcelona

De tijden van Abdellah leken langzaam vervlogen. Alleen een flinke investering in de clubkas kon hem nog redden. Hij trok de kledingkaart. Het sportmerk Beltona zou nieuwe trainingspakken beschikbaar stellen voor volgend seizoen. Ik was uitverkoren (misschien omdat mijn vader elftalleider was) om de nieuwe outfits bij hem thuis in IJmuiden te passen. De outfit zat als gegoten, ik kon niet wachten om erin te gaan trainen en wilde zelfs vrijwillig wissel zitten om alleen maar dat pak aan te kunnen trekken.

U raadt het al. De trainingspakken kwamen er nooit. Abdellah verdween even later, naar verluidt richting Marokko. Later hoorde ik geruchten dat hij scout was geworden bij Barcelona en met handeltjes in verre landen bezig was. De reclameborden van Air Maroc deden nog aan hem herinneren op Telstars vermaarde Sportpark Schoonenberg. Totdat hij weer opdook in Sittard. De Limburgers zagen hem als redding, maar het bleek weer valse hoop. Misschien hadden ze eerst even moeten bellen met Telstar, Den Bosch, Barcelona of gewoon met de RKVV Velsen.