ETON DORNEY - De mannen vier zonder boekte donderdag een onverwacht resultaat door zich naar de olympische finale te roeien. Volgens Ruben Knap zit er nog meer in de boot. 

Door Anne Joldersma

"We hebben nog niet het achterste van onze tong laten zien", blikt de roeier vooruit op de finale van aanstaande zaterdag. "We hebben de eindsprint bijvoorbeeld niet zo lang doorgetrokken als we kunnen."

De vier zonder had als eerste doel het bereiken van de halve finales en steeg licht boven zichzelf uit door zich bij de zes beste boten op het nummer te roeien.

Overtuigend

Knap deed dat samen met Kaj Hendriks, Boaz Meylink en Mechiel Versluis op overtuigende wijze. Alleen de sterke Britten en Australiërs bleken een maat te groot.

"We gingen goed van start", legt Versluis uit, "en dan merk je dat je na 500 meter uitloopt op de rest van het veld. "Toen dacht ik al: dit gaat de goede kant op."

Volgens de roeier had de boot het vertrouwen dat een finaleplaats erin zat. "We zijn woensdag met zijn vieren bij elkaar gaan zitten en hebben tegen elkaar gezegd dat we het gewoon kunnen. Het vertrouwen was er, dat zag je ook aan de race."

Aansluiting

De derde plaats leverde bij beide roeiers tevreden blikken op. De Nederlanders hielden ook lang aansluiting bij de twee topboten in hun halve finale.

"Maar als je te veel energie steekt om boven alles bij die twee te blijven, kan je zomaar de derde plaats verliezen", licht Knap het uiteindelijk gat met Groot-Brittannië en Australië toe. "We zijn geen moment met die twee boten bezig geweest. We wisten toch dat zij hem eruit zouden trekken."

De roeier is echter niet van mening dat met het bereiken van de finale de Spelen ook bij voorbaat geslaagd zijn.

"Natuurlijk was de verwachting vooraf: halve finale. Die eerste stap is bereikt en overtroffen. We zijn heel tevreden met de finale, maar als we het onderste uit de kan halen zit er nog meer in."