LONDEN - Na de derde tijd in de series werd de Holland Acht veroordeeld tot de herkansingen. De derde plaats aldaar, achter Groot-Brittannië en Canada, betekende een uitverkiezing voor de finale van woensdag.

Door Anne Joldersma

"Maar nee, ik ben nog niet tevreden", legde Diederik Simon, de veteraan in de boot, na afloop uit. "Het was nog niet goed genoeg, maar het heeft wel ergens toe geleid. De finale. En daar kan het zomaar ook de andere kant oprollen."

De Nederlandse boot leek trager weg te komen bij de start, maar volgens Simon liep die juist nog aardig. "Na de eerste 500 meter lagen we goed, maar in het middenstuk ging het wat minder. Dat moeten we harder maken."

"Hoe? Gewoon harder pompen", legde de gouden medaillewinnaar van Atlanta '96 uit. "Ik denk dat het er ook in zit. Het was niet slecht. Het moet alleen een tandje beter voor een medaille."

Vertrouwen

Bondscoach René Mijnders sloot zich bij die lezing aan. "De start was goed, de eerste 100 meter. Vooral na de eerste 250 meter ging het minder." Volgens de coach kwam dat ook door de instelling van de roeiers.

"Ik had het gevoel dat het vertrouwen wat minder was. Met de lichamen en de techniek zit het goed, maar ik miste het vertrouwen dat ik wel ken van deze boot. Hoe we dat voor de finale gaan corrigeren? We zullen vanavond de boel evalueren."

Simon denkt dat er in de finale nog altijd van alles mogelijk is. "De Duitsers zijn toch wel favoriet, dat is duidelijk en of de Amerikanen er echt zo goed voor staan...ik heb geen idee. Uiteindelijk liggen er gewoon zes boten dicht bij elkaar."

"Wij moeten in ieder geval nog even heel goed aan onszelf werken. Geconcentreerd zijn. Dan kunnen we zo nog een plaatsje opschuiven."

Anti-ouderdomspil

Op de vraag of Simon, die naast het goud van Atlanta ook zilver veroverde in Sydney en Athene, woensdag in de finale zijn laatste grote race roeit, hoefde hij niet lang na te denken. "Nee, helemaal niet. Tuurlijk niet."

"Of het mijn laatste olympische race wordt", vervolgde de 42-jarige veteraan die bezig is aan zijn vijfde Spelen, "mwah... je weet het niet. Maar die kans wordt wel steeds groter", gooide hij er lachend uit.

"Het gaat gewoon goed. Ik begin het nu pas een beetje door te krijgen. Ik wou dat er nu de anti-ouderdomspil wordt uitgevonden zodat ik nog tien jaar door kan."