TOKIO - Het leven kan makkelijk zijn voor Epke Zonderland. Als hij zondag bij de WK turnen erin slaagt een medaille te veroveren aan de rekstok gaat de focus onmiddellijk naar de Olympische Spelen. 

De winnaar van zilver bij de afgelopen twee WK's kan in een kleine minuut voorkomen dat hij de komende maanden zijn toch al kwetsbare lichaam extra moet gaan pijnigen.

Als Zonderland in de Yoyogi-trainingshal zijn oefening aan de rekstok uitvoert is het stil. Collega-turners zijn plots aandachtig toeschouwer. 

''Natuurlijk merk ik dat'', vertelt de 25-jarige Fries in het Keio Plaza Hotel, zich bewust van zijn status. ''Datzelfde heb je bijvoorbeeld als de Braziliaan Hypolito de vloer op gaat.''

Derde startplek

Zonderland komt zondag in de finale als derde in actie. ''Misschien vind ik het wel de gunstigste positie’’, vertelde hij vrijdag. ''Er zit een korte periode tussen het inturnen en het moment dat je in actie komt."

"Ik houd er niet van als ik lang moet wachten, maar de eerste of tweede startpositie vind ik dan weer net te snel. Op dat moment wil ik even rust hebben om me te concentreren.'' De Duitser Fabian Hambüchen en de Amerikaan John Orozco zijn voor hem.

Geen ramp

Mocht Zonderland zondagmiddag (in Nederland laat in de ochtend) in het Tokio Metropolitan Gymnasium onverhoeds falen of gewoon drie sterkere opponenten treffen, dan wacht hem een gang naar het olympisch kwalificatietoernooi in januari in Londen. Dat zou geen ramp zijn, ware het niet dat daar een ticket voor de Spelen alleen via de meerkamp kan worden afgedwongen.

''Ik zal dan in heel korte tijd een meerkamp moeten neerzetten met alle risico's op blessures van dien. Het is zeker geen ideale voorbereiding op de Spelen.'' Zijn laatste volledige meerkamp turnde hij in 2007, aan de ringen heeft hij al jaren niet meer gehangen.

Goed gevoel

Terug naar de rekstok. Het gevoel is goed, zegt Zonderland die voorafgaand aan de kwalificaties wel wat spanning voelde. ''Vanaf de zomer al. De kwalificatie is gewoon heel lastig. Je moet 'm doorkomen door behoudend te turnen. Eigenlijk kun je alleen maar verliezen. En het gaat hier niet om één toernooi, er hangt meer vanaf.''

Zijn tegenvallende score (15,133) in de kwalificaties kostte hem een goede nachtrust maar eenmaal zeker van een finaleplaats voelde hij de druk afnemen.

''Dit is een super leuke week. De trainingen gaan goed en de focus ligt volledig op zondag. De spanning die ik nu voel heb ik nodig om maximaal ervoor te gaan. Ik kan echt toeleven naar zo'n finale. Ik heb er zin in om mijn beste oefening ooit te laten zien.''

Geestelijk verhaal

Het voorbereiden gaat verder buiten de trainingshal. De oefening met een moeilijkheidsgraad van 7,8 - geen concurrent die daaraan kan tippen - spookt door zijn hoofd.

''Fysiek ben ik goed in vorm, maar het is ook een geestelijk verhaal. Je traint in je hoofd de bewegingen die je moet maken, de momenten wanneer je de vluchtelementen moet inzetten. Herhalen om het gevoel te krijgen. Het moeten automatismen worden.''