PARIJS - "Verschrikkelijk om zo te verliezen", zegt Edith Bosch met tranen in haar ogen. Ze stond bij de WK judo in Parijs in de finale tegenover Lucie Decosse uit Frankrijk.

Het gejoel en de aanmoedigingen van de 17.000 chauvinistische fans voor hun landgenote misten hun uitwerking niet.

Bosch kreeg drie strafjes, tegenover één voor Decosse, die daarmee de wereldtitel in de klasse tot 70 kilo prolongeerde.

"Ik probeerde nog iets in te zetten, zij deed helemaal niks", treurde Bosch. "Als zij nou heel veel beter is, maar dat is gewoon niet zo. Ik kreeg hier geen eerlijke kans, dat gevoel heb ik."

"Ik baal ontzettend en zal vanavond nog wel een paar traantjes laten. Maar aan de andere kant, ik ben er weer bij. Het gaat goed, ik heb een prima jaar, het staat als een huis."

Aartsrivalen

Decosse en Bosch, eerder dit jaar Europees kampioene geworden en in 2005 wereldkampioen, zijn momenteel de twee beste judoka’s in hun klasse. Maar ze zijn ook aartsrivalen.

"We zeggen elkaar gedag, maar verder ken ik haar niet goed. Wat me tegenstaat, is dat ze zich op de mat als een afgod gedraagt. Daar kan ik niet tegen."

"Ik gaf haar meteen een stoot voor haar harses, had ze die mooi meteen te pakken. En ik gaf haar ook nog een elleboog. Heerlijk. Dit is ook de juiste aanpak tegen haar. Volgend jaar moet het nog iets harder."

Olympisch goud

Bosch heeft alles gewonnen wat er te winnen valt in de veertien jaar dat ze meedraait. Alleen olympisch goud ontbreekt nog en dat wil ze volgend jaar in Londen winnen.

Moet ze wel langs Decosse, van wie ze nog nooit won. "We zitten zo dicht bij elkaar. Zij heeft mij nog nooit echt gegooid, maar ik haar ook niet."

"Op de Spelen is zij de te kloppen vrouw, vind ik prima. Ik weet dat ik van haar kan winnen, dan moet dat in Londen maar. Ha, gelukkig zijn de Spelen in Londen en niet in Parijs. Want hier komt ze volgend jaar niet mee weg."