Angst. Die vijf letters vormen het grootste (degradatie)gevaar voor Feyenoord. Trainer Mario Been nam ze de voorbije weken keer op keer in de mond. Ook zondag weer, na de 1-1 tegen Vitesse.

Tijdens de lunchwedstrijd in Arnhem waren zijn spelers op een zeker moment weer eens in hun schulp gekropen, als verlegen jongetjes kruipend achter het been van hun moeder. Toen Vitesse onverwachts de gelijkmaker had gemaakt, was de bravoure van de Rotterdammers ineens verdwenen.

Zo gaat het eigenlijk al bijna het hele seizoen bij Feyenoord. Eén tegenslagje en de geplaagde jonkies van de club raken van de kaart. Dan zie je ze ineens dingen doen die ze beter kunnen laten. Durven ze ineens geen lange crosspasses meer te geven. Kiezen ze liever voor balletjes breed of terug dan ballen vooruit. En lijden ze onnodig balverlies.

Gevolg: de tegenstander ruikt bloed en geeft extra gas, waardoor Feyenoord nóg verder achteruit helt. En weg is de controle over de wedstrijd.

Lef

Gelukkig voor de mokkende Feyenoord-fans is er nu Ryo Miyaichi, een achttienjarige smaakmaker uit Japan. Jonger dan alle andere Feyenoord-voetballers, maar beschikkend over ongeveer net zo veel lef als een Europese cameraman in Caïro. Bij zijn debuut tegen Vitesse toonde Ryo zich in volle glorie, als een benjamin met ballen.

Het was zijn eerste wedstrijd als prof, maar je zou het niet zeggen. Steeds weer wilde hij de bal hebben. Telkens als hij ’m kreeg, zette hij de turbo aan. Stoïcijns en onbevangen. Ook ná de gelijkmaker van Ismail Aissati.

'Japanse Messi'

De arme Vitesse-back Frank van der Struijk moest steeds wéér in de achtervolging op die dekselse Ryo. Een ondankbare taak, want de ‘Japanse Messi’ loopt de honderd meter in een seconde of elf. En met de bal aan de voet doet hij er niet veel langer over. Bovendien kan hij met links bijna net zo veel als met rechts en maakt hij scharen in de versnelling, zodat je nooit weet over welk been hij je gaat passeren.

Arsenal ontdekte het toptalent vorig jaar, nog vóórdat hij tijdens een zomerstage bij Ajax (!) geblesseerd raakte. In december gaven de Londenaren Ryo, die tot die tijd in de Japanse universiteitscompetitie uitkwam, vlak na zijn achttiende verjaardag een lucratief vijfjarig contract.

Gulle gift

Omdat hij nog geen A-international is (geloof me: kwestie van tijd) mag hij niet in Engeland voetballen, dus werd besloten hem voorlopig bij Feyenoord te stallen. Voor die gulle gift mogen de Rotterdammers de Londense club op hun blote knieën danken.

Natuurlijk, het is gevaarlijk om een conclusie te trekken op basis van één wedstrijd, wat videobeelden en gesprekjes met Japanse collega’s. Maar met Ryo durf ik het wel aan, op de een of andere manier.

Iets in me zegt me dat hij een sensatie wordt. Op zijn minst gaat hij Feyenoord een boost geven. Moet wel. Als lefgozertje dat heerlijk onbevangen speelt en geen enkele druk lijkt te kennen is hij immers nú al een toonbeeld voor zijn teamgenoten.

Dus, hup: alle ballen op Ryo!