Ja, ze wisten nog precies wat er gebeurde toen de vorige keer een assistent-bondscoach plaatsnam achter de interviewtafel tijdens een groot toernooi.

“In 2004 was dat met Van Hanegem,” zegt assistent 1, Frank de Boer. “Hij zei dat-ie Dick (Advocaat, op dat moment bondscoach) de volgende keer zou neerslaan als-ie Robben zou wisselen,” weet hij zich ook nog te herinneren.

Phillip Cocu, assistent 2 vult aan: “Daar is destijds best wat commotie over ontstaan in de spelersgroep. Je moet eenheid uitstralen als technische staf. Dan breng je het ook over op je spelersgroep en kom je uiteindelijk het verst.”

Opzetje

Omdat bondscoach Bert van Marwijk bij de spelersgroep bleef, maar ook omdat er wat buitenlandse media zouden zijn (uiteindelijk bleef het beperkt tot een paar Duitsers) zette perschef Kees Jansma zich naast De Boer en Cocu. Het was een minder sensationeel samenzijn dan destijds met Van Hanegem die Advocaat een mes in de rug stak, maar zeker zo indrukwekkend.

Leerzaam was, ook vanwege de setting - universiteit The Wits -, een betere omschrijving. Zó leerzaam dat je bijna gaat denken dat er sprake was van een opzetje. De Boer (vooral hij) en Cocu hielden een glashelder betoog over focus, winnaarsmentaliteit en toernooivorm, dat uiteraard binnen enkele uren op de mobieltjes en laptops van de spelers terug te lezen was.

Revanche

Maar het meest indrukwekkend was de reden van de toetreding van het duo tot de technische staf. Het bleek om een diepgewortelde frustratie te gaan. De boezemvrienden (‘we gaan vaak samen op vakantie’) willen revanche nemen voor het WK’98. Hè wat? Het laatste toernooi waarbij Oranje tot de halve finale reikte?

Het toernooi van de 5-0 tegen Zuid-Korea, de omhelzing tussen ex-vijanden Davids en Hiddink na de late treffer van eerstgenoemde tegen Joegoslavië, de volmaakte drietrapsraket van Bergkamp tegen Argentinië en de eervolle uitschakeling tegen Brazilië na strafschoppen? Dat toernooi, ja.

“We waren allebei in topvorm, Brazilië en wij,” haalt De Boer terug. “Maar bij ons ontbrak de overtuiging dat we wereldkampioen konden worden. We werden uiteindelijk vierde. ‘Oké vierde is hartstikke mooi’ zei men toen. Maar we hadden eerste kunnen worden als we er net zo in geloofd hadden als de Brazilianen. Dat willen we overbrengen. Tweede, derde of vierde is niet genoeg. We moeten wereldkampioen willen worden.”

Focus

Wat ze vooral willen toevoegen is de juiste focus creëren. De Boer: “Op het EK’92 en het WK’94 was ik vooral toeschouwer. Terwijl ik toch bijna alle wedstrijden speelde. Pas op het WK’98 en EK 2000 had ik de juiste focus, kon ik het meeste toevoegen. In 1992 en 1994 was er niemand die me op dat vlak hielp."

"Achteraf is dat zonde. Daarom probeer je bijvoorbeeld een jonge speler als Elia ervan te overtuigen dat hij de juiste focus moet hebben. Ook als invaller moet je klaar staan om de ploeg te helpen.”

Topvorm

Maar goed op het WK’98 was Oranje in topvorm. Dat is nu nog niet het geval, beamen de beide assistenten. “Maar in 1998 begonnen we ook stroef tegen België,” countert Cocu. De Boer: “We hebben net zoveel kwaliteit als in 1998, daar ben ik van overtuigd."

"De echte topvorm moet nog komen. Misschien dat we die bewaard hebben. In topvorm kunnen we iedereen verslaan. Dit Oranje hoeft voor niemand bang te zijn.”

Bart Vlietstra is voetbalverslaggever voor NUsport. Samen met collega Edwin Struis vormt hij op dit blog De Grote Twee. Verder volgt hij Oranje voor zowel het magazine als de website op de voet in Zuid-Afrika.