NEW DELHI - Bondscoach Michel van den Heuvel van de Nederlandse hockeyploeg maakte dinsdagavond in de perskamer van het Dhyan Chand National Stadium een opgeluchte indruk.

Ondanks de nederlaag tegen Zuid-Korea (1-2) had hij met Oranje aan de eerste doelstelling bij het wereldkampioenschap in India voldaan: een plaats bij de laatste vier.

Op doelsaldo weliswaar, maar dat kon de pret in het Nederlandse kamp nauwelijks drukken.

''Ik ben heel blij dat we het hebben gered'', liet Van den Heuvel weten. ''Natuurlijk had ik in deze wedstrijd liever een positief resultaat gehaald. Dat hadden we ook verdiend, vind ik. Maar ook na deze nederlaag ben ik trots op mijn ploeg. We hebben veel kracht en energie in deze wedstrijd gestopt, maar verzuimd om onszelf daarvoor te belonen.''

Video-arbiter

Evenals zijn aanvoerder Teun de Nooijer stelde Van den Heuvel na afloop het gebruik van de video-arbiter ter discussie.

De man achter de tafel besliste in de zinderende tweede helft dat Oranje eerst een strafcorner en daarna ook een strafbal na bestudering van de beelden niet mocht nemen.

Doorgeschoten

''Vooral bij die laatste situatie leek het minutenlang te duren voordat er uiteindelijk een beslissing viel'', klaagde Van den Heuvel.

''Het is bij dit WK allemaal een beetje te ver doorgeschoten. Doordat de video-arbiter zo vaak wordt ingeschakeld, gaat het ritme uit de wedstrijd. Dat kan toch nooit de bedoeling zijn?''