ROTTERDAM - Elisabeth Willeboordse is geen wereldkampioen judo in de klasse tot 63 kilogram geworden. Ze verloor vrijdagmiddag in een volgepakt sportpaleis Ahoy de finale van de Japanse Yoshie Ueno en moest genoegen nemen met zilver.

Willeboordse lag al na ruim een minuut op haar rug en moest opgeven.

De winnares van het brons op de Olympische Spelen in Peking had in de eindstrijd zichtbaar last van haar rechtervinger die ze tijdens de spannende halve finale tegen de Europees kampioene Urska Zolnir blesseerde.

Ze won in de eerste ronde van Munkhzaya Tsedevsuren uit Mongolië en was later veel te sterk voor de Australische Kylie Koenig en Alice Schlesinger uit Israël. Willeboordse won de eerste Nederlandse medaille op de WK in Rotterdam.

Willeboordse had de zesde Nederlandse wereldkampioene judo kunnen worden. Anita Staps, Irene de Kok, Monique van der Lee, Angelique Seriese en Edith Bosch veroverden eerder wel de titel.

Teleurstelling

Willeboordse kon na afloop de teleurstelling moeilijk verbergen. "Jammer dat je er op zo'n lullige manier er vanaf gaat", sprak ze tegen de NOS.

"Ik ging na de halve finale met een sterk gevoel de finale in, maar met één hand judoën is niet optimaal."

"Die vinger schoot in de halve finale wel tien keer uit de kom. Ik vroeg toen aan de scheidsrechter of het kon worden ingetaped, maar dat mag natuurlijk niet", aldus de Nederlandse.

Boost

Willeboordse probeert nu te genieten van haar medaille. "Ik moet het nog even beseffen, maar ik ben nu wel de nummer twee van de wereld. Het gaf zo'n boost als je dat publiek hoorde, helemaal hier in Rotterdam", zei de in de Maasstad woonachtige judoka.