ATHENE - Nederland ontbreekt in augustus in Peking opnieuw tijdens het olympisch bokstoernooi. Na kopman Hüsnü Kocabas moesten ook Peter Mullenberg en Daniël Kooij vroegtijdig het tweede en laatste olympisch kwalificatietoernooi in Athene verlaten. Tijdens de Zomerspelen van Barcelona in 1992 kwamen voor de laatste keer Nederlandse amateurboksers in actie.

Muller was in de kwartfinales in het middengewicht niet opgewassen tegen de Fransman Jean-Michel Raymond. De twintigjarige bokser uit Almelo verloor op punten (14-6).In het halfzwaargewicht moest Daniël Kooij zijn meerdere erkennen in de Ier Kenny Eagan. De 22-jarige Rotterdammer verloor op technisch knock-out. Lichtgewicht Kocabas lag dinsdag al uit het toernooi na een royale nederlaag tegen de Georgiër Chapakadze (22-9).

Optimisme

"We wisten dat het heel erg moelijk zou worden om Peking te halen", liet bondscoach Hennie van Bemmel weten. "Toch waren we voor dit toernooi in Athene nog wel optimistisch. Het heeft helaas niet zo mogen zijn. Het zat er gewoon weer niet in."

Vooral het optreden van Kocabas, die zich voor Sydney 2000 en Athene 2004 evenmin wist te kwalificeren, stelde zwaar teleur. "Het liep bij hem voor geen meter", oordeelde zijn trainer Hennie Mandemaker hard. "Hij was geen moment in zijn normale doen. Zo matig heb ik hem nog nooit zien boksen. Misschien was de druk op hem toch iets te groot geworden."

Tevreden bondscoach

De uitschakeling van de nieuwkomers Kooij en Mullenberg kwam minder hard aan. "Daniël Kooij had een tegenstander die voor hem gewoon te goed was", meende Van Bemmel, die bij Barcelona 1992 zijn beschermeling Orhan Delibas zilver zag winnen. "Daniël heeft het netjes gedaan, maar kon die Ier niet echt in gevaar brengen. Peter Mullenberg bokste te veel op afstand, waardoor hij in de beginfase te weinig punten scoorde. Zijn achterstand kon hij daarna niet meer inlopen."

Ondanks de nieuwe deceptie voor het Nederlandse amateurboksen wanhoopte Van Bemmel nog niet in Athene. "Het aanbod van talent is helaas niet groot meer in ons land", zei de ervaren coach, die met zijn Duitse ploeg Velbert komend weekeinde zijn zesde landstitel kan veroveren. "We zullen eerst bij de jeugd en in de breedte moeten groeien en daarna ook structureel de smalle top dienen te versterken. Dat laatste kan alleen volgens mij als we niet alleen veel centraal op Papendal gaan trainen, maar ook veelvuldig een stage in het buitenland afwerken. Alleen dan kunnen we misschien weer aansluiting met de international top verkrijgen."