De vermogensrendementsheffing of spaartaks is niet strijdig met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Ook mist de heffing geen redelijke grond.

Dat heeft heeft het gerechtshof in Arnhem bepaald. De Bond van Belastingbetalers had drie proefprocessen aangespannen.

De rechters verklaarden de hoger beroepen in die drie zaken ongegrond. De rechters zeiden wel dat als spaarders lange tijd niet aan 4 procent rendement kunnen komen, er een onredelijk zware last zou kunnen zijn. Dat was echter geen argument van de eisers en daar keek het Hof dan ook niet naar.

Er volgen nog drie andere zaken bij de gerechtshoven van Amsterdam en Den Bosch. De organisatie gaf al eerder aan vastbesloten te zijn door te procederen tot aan de Hoge Raad.

De Belastingdienst ging uit van 4 procent rendement, waarover 30 procent belasting moest worden betaald. De eisers vinden dat naar werkelijk behaald rendement moet worden gekeken omdat de rente al jaren lager is dan 4 procent.

Dit jaar is de regeling overigens veranderd. Tot 100.000 euro is het fictieve rendement 2,87 procent, daarboven gelden hogere percentages. Over de eerste 25.000 euro vermogen hoeft geen belasting te worden betaald.