NU+ Achter de oorlog: 'Steek je neus niet in onze zaken en stuur geen wapens'
Oorlogsverslaggever Hans Jaap Melissen vertelt voor NU.nl het verhaal van de mensen achter de oorlog in Oekraïne. Vandaag het verhaal van de militairen in en om de zwaar belegerde stad Bakhmut. "Het is daar verschrikkelijk. En ik waarschuw je, rijd niet verder die kant op."
Aan het begin van de weg naar Bakhmut staan wat militairen op een parkeerplaats. Bogdan, een militair van een speciale eenheid, is even speciaal naast ons gestopt om zijn waarschuwing uit te spreken. Zelf heeft hij Bakhmut net verlaten.
Op de vraag of Oekraïne bezig is "de winkel daar dicht te doen", antwoordt hij bevestigend. "Dit was voorlopig mijn laatste keer daar", zegt hij en scheurt weer weg in zijn bruine pick-up vol met zwaarbewapende mannen.
Er zijn steeds meer tekenen dat Bakhmut, dat al vanaf drie kanten wordt ingesloten, binnenkort zou kunnen vallen. Al noemt niemand een termijn en hopen velen dat het toch niet gebeurt. Maar de situatie is kritiek. Teams van vrijwilligers, die al maanden bewoners helpen met evacueren, mogen sinds een paar dagen niet zomaar meer de stad in. Niet-militairen komen alleen nog met speciale toestemming binnen.
Voorzichtig rijden we toch verder richting Chasiv Yar, het laatste plaatsje voor Bakhmut, zo'n 5 kilometer van de belegerde stad verwijderd.
Een deel van de Russische linie die de ring rond Bakhmut probeert te sluiten is hier vlakbij. Continu klinkt er om ons heen artillerievuur. Het is uitgaand richting de Russen, vanuit de velden naast ons. Maar we horen ook de harde klappen van inkomend vuur verderop. De artilleriestukken naast de weg zijn soms bedekt met bruingroene camouflagenetten die beperkt effect hebben in dit besneeuwde landschap. Er zijn hier nog weinig burgers, maar bij veel huizen staan wel militaire voertuigen geparkeerd.
De weg richting Chasiv Yar, het laatste plaatsje voor Bakhmut | Beeld: NU.nl/Hans Jaap Melissen'Waarom sturen ze hier steeds meer wapens heen?'
Bij een bushalte treffen we een paar inwoners die zich verzamelen naast een busje: een rijdende winkel met levensmiddelen. "Kom je uit Nederland?", vraagt Vitali. "Waarom leren ze jullie daar geen Russisch?" En hij heeft meer op te merken. "Ik begrijp niks van de politiek. Iedereen wil vrede, maar waarom sturen ze hier steeds meer wapens heen? Als jullie willen dat de oorlog stopt, steek je neus niet in onze zaken. Stuur hier geen wapens naartoe." Een vrouw zonder gebit vult aan. "Kijk ze hebben hier om ons heen allemaal loopgraven gemaakt, vlak bij onze huizen."
Ze zegt dat ze best wil evacueren, maar dat niet kan vanwege geldgebrek.
Een deel van de achtergebleven bewoners in dit gebied ziet de komst van de Russen niet als een probleem. De strijd waarmee dat gepaard gaat is hun grootste zorg. Toch zegt Vitali nog: "Ik ben een Oekraïner hoor!"
Vitali (rechts) begrijpt niet dat het Westen wapens blijft sturen en tegelijkertijd vrede wil in Oekraïne | Beeld: NU.nl/Hans Jaap Melissen'Vandaag zijn hier al 15 raketten neergekomen'
Als we doorrijden neemt het geluid van de knallen verder toe terwijl het aantal mensen op straat nog meer afneemt. We rijden Chasiv Yar binnen, een charmant plaatsje met beboste lanen, waar het doodstil is op straat. Heel af en toe sjokt een oudere vrouw voorbij met een grote fles water in haar hand, of een man met een doos met spullen op een sleetje.
Bij het gemeentehuis staat een ambulancebus met daarnaast militairen die met een somber gezicht met elkaar staan te overleggen. Journalistiek bezoek hebben ze geen zin in. "Het gaat hier steeds slechter. Vandaag zijn hier al 15 raketten neergekomen. Wat willen jullie hier eigenlijk? Ik zou weggaan, voordat het misgaat", zegt iemand.
Het is een advies dat we nu wel opvolgen, verderop is de weg naar Bakhmut voor ons sowieso dicht. We zakken langs de frontlinie af in de richting van Toretsk, een plaats pal tegen de frontlinie aan.
Ergens daarbuiten staat een camouflagebusje langs de weg. Militair Sergeii brengt in het veld ernaast een drone op gang, om daarmee de Russen te bespioneren. In het busje kijkt een andere militair op een scherm naar wat de drone in beeld brengt. "We zoeken naar tanks, artillerie en vooral ook of er aanwijzingen zijn dat de Russen straks hier iets gaan ondernemen." De zorg in dit gebied is dat zodra de Russen Bakhmut in handen krijgen, ze troepen vrij hebben om hier de aanval in te zetten.
Militair Sergeii brengt in het veld de drone op gang | Beeld: NU.nl/Hans Jaap MelissenTerugtrekking kan voordelen bieden
"Als we ooit afstand moeten nemen van Bakhmut, kunnen we ons ook weer voorbereiden om daar opnieuw in de aanval te gaan", zegt hij. 'Maik' probeert duidelijk te maken dat zo'n terugtrekking voordelen kan bieden. Hij legt het uit op een manier die het best zo is samen te vatten: als je een speelgoedautootje met een veer erin naar achteren trekt, zal het daarna juist keihard vooruit schieten. Maar bij dat weer naar voren gaan, hebben ze wel nieuwe spullen nodig, zegt Maik. "Tanks, betere artillerie."
De loopgraven buiten Toretsk | Beeld: NU.nl/Hans Jaap Melissen'We winnen een oorlog omdat we onze manschappen in leven houden'
Ook buiten Toretsk zijn loopgraven. We sjokken door de sneeuw naar een Oekraïense positie op amper een kilometer van de Russen. In een verwarmd hutje in de loopgraaf kunnen de mannen slapen. Het toilet is een los hok iets verderop.
Vanochtend is deze plek nog bestookt. Maar in de heuvels en vlaktes naast ons galmt vooral steeds de strijd rond Bakhmut. Wat opvalt is het aantal inslagen: alsof er geen einde aan de munitie kan komen. Terwijl dat juist een zorg is, zeker ook aan de Oekraïense kant.
Militair Michailo steekt met zijn hoofd net boven de loopgraaf uit. Hij heeft een zoon van 12 die trots op hem is en later ook het leger in wil, vertelt hij. Maar is hij niet bang dat de oorlog straks zo lang duurt dat zijn zoon in dezelfde oorlog terecht komt? "Misschien is dat dan nog steeds nodig", zegt hij. "Er zijn twee mogelijkheden in deze oorlog. We winnen snel, met steun van het westen, met betere wapens. Of het gaat lang duren, omdat Rusland zoveel inwoners heeft en steeds nieuwe manschappen kan sturen."
Mocht Bakhmut binnenkort vallen, dan heeft militair Andrei, die met een paar soldaten langs de uitvalsweg naar Bakhmut staat, een troostend woord. "Ik wil iemand citeren. Generaal Franco zei ooit: 'We winnen niet een oorlog omdat we terrein in handen hebben, maar omdat we onze manschappen in leven houden.' Dus als het nodig is, om daarvoor terrein op te geven, dan doen we dat."
Militair Andrei langs de uitvalsweg naar Bakhmut | Beeld: NU.nl/Hans Jaap Melissen