Defensie heeft steeds minder materieel om naar Oekraïne te sturen
Defensie heeft steeds minder militair materieel om weg te geven aan Oekraïne. Daarom onderzoekt het ministerie de mogelijkheden om meer militaire middelen te kopen voor de Oekraïners, schrijven minister Kajsa Ollongren en staatssecretaris Christophe van der Maat dinsdag aan de Tweede Kamer. Ook wordt gekeken of met andere landen wel aan de verzoeken van Kyiv kan worden voldaan.
Nederland levert wapens aan Oekraïne sinds het land meer dan drie maanden geleden werd aangevallen door Rusland. Aanvankelijk leverde Defensie vooral lichter materieel, maar sinds enige tijd gaat het ook om zwaarder materieel zoals pantservoertuigen en pantserhouwitsers. Er is al voor meer dan 100 miljoen euro aan militaire goederen naar Oekraïne gegaan.
De leveringen hebben geen gevolgen gehad voor de paraatheid van de krijgsmacht, aldus de bewindslieden. Defensie leverde materieel dat overtollig was of zou worden afgestoten.
Verder werden spullen uit voorraden gestuurd, mits die op tijd weer konden worden aangevuld. De mogelijkheid om militair materieel uit eigen voorraden aan Oekraïne te leveren, neemt na verloop van steeds meer af.
Nederland gaat door met het steunen van Oekraïne, benadrukken Ollongren en Van der Maat in de Kamerbrief. "Het kabinet acht het onverminderd van belang om bij te dragen aan de Oekraïense zelfverdediging."
