Human Rights Watch constateert oorlogsmisdrijven door Rusland in Oekraïne
Russische soldaten hebben zich in het noordoosten van Oekraïne schuldig gemaakt aan standrechtelijke executies van burgers, martelingen en andere mogelijke oorlogsmisdrijven. Dat constateert mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) woensdag na onderzoek ter plaatse.
De misdaden zijn volgens HRW gepleegd in de eerste maand van de oorlog, die Rusland op 24 februari via een invasie begon tegen Oekraïne.
Medewerkers van de mensenrechtenorganisatie bezochten in april zeventien dorpen en kleine steden in de regio's Kyiv en Chernihiv en spraken met 65 getuigen. Ze telden 22 standrechtelijke executies, negen andere moorden, zes verdwijningen en zeven gevallen van marteling.
Bijna alle slachtoffers waren burgers. Ook vertelden 21 mensen dat ze in strijd met het recht en in zeer slechte omstandigheden waren vastgehouden.
Ook tientallen kinderen waren slachtoffer
In het dorp Yahidne, niet ver van Chernihiv, vertelden dorpelingen dat meer dan 350 inwoners 28 dagen waren vastgehouden in de kelder van een school. Onder hen waren minstens zeventig kinderen, aldus HRW. Er was geen frisse lucht, geen ruimte om te liggen en mensen moesten hun behoefte doen in emmers.
Volgens de ooggetuigen werden alle kinderen ziek en hadden mensen wonden van het doorliggen. Ook zouden tien mensen in de kelder zijn gestorven. De medewerkers van HRW noteerden soortgelijke verhalen in andere dorpen.
"Het wordt steeds duidelijker dat Oekraïense burgers in de door Russische troepen bezette gebieden afgrijselijke beproevingen hebben doorstaan", aldus Giorgi Gogia van HRW. "We moeten alle stappen nemen om te verzekeren dat zij die geleden hebben in de nabije toekomst gerechtigheid krijgen."


