Burgemeesters bespreken opvang Oekraïners, politie waakt voor mensenhandel
De 25 burgemeesters van het Veiligheidsberaad overleggen maandag digitaal over de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Voor de politie is de komst van de Oekraïners een aanleiding om bij agenten in heel het land de kennis over de signalen van mensenhandel op te frissen. "We erkennen dat het een groot risico is", aldus de politie.
Een woordvoerder van de Korpsleiding legt uit dat alle agenten is verzocht om extra alert te zijn op signalen van mensenhandel. Er zijn geen signalen dat nu al Oekraïense vluchtelingen worden uitgebuit.
Eerder liet het ministerie van Justitie al weten dat vluchtelingen een vergroot risico lopen om slachtoffer te worden van mensenhandel of andere misdrijven, omdat zij op veel locaties opgevangen zullen worden. "Door het grote en versnipperde aanbod van opvangplaatsen kunnen zij uit beeld van de overheid raken."
Veiligheidsregio's kregen het verzoek om op korte termijn zeker 50.000 Oekraïense vluchtelingen op te vangen. Daarnaast hebben duizenden Nederlanders laten weten dat zij Oekraïners in hun eigen huis willen opvangen.
Gemeenten moeten snel opvangplekken realiseren
Hubert Bruls, voorzitter van het Veiligheidsberaad en burgemeester van Nijmegen, verwacht dat gemeenten uiteindelijk "veel meer" plaatsen moeten vrijmaken voor vluchtelingen.
Hij sluit niet uit dat Oekraïners "vele maanden of jaren" in Nederland willen blijven. En omdat Oekraïners erkende vluchtelingen zijn, ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeenten in plaats van bijvoorbeeld het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA).
Het is voor het eerst in twee jaar dat het Veiligheidsberaad over iets anders discussieert dan de coronapandemie. "We zaten er niet op te wachten dat er meteen een andere crisis op ons bordje zou liggen", verzucht Bruls. Zondag waren er al zeker 6.200 Oekraïners in Nederland. Dat aantal neemt iedere dag met enkele duizenden toe.
