Het optreden dat Madonna zaterdagavond gaf op het podium van het Eurovisie Songfestival ging volgens de organisatie niet zoals gepland, meldt de BBC zondag op basis van een verklaring van de European Broadcasting Union (EBU).

"Tijdens de live-uitzending van de finale van het Eurovisie Songfestival droegen twee dansers tijdens Madonna's optreden een Israëlische en Palestijnse vlag op hun rug. Dit gedeelte van het optreden was geen onderdeel van de repetities die was goedgekeurd door de EBU en Israëlische omroep KAN", luidt de verklaring.

"Het Eurovisie Songfestival is een evenement zonder politiek en Madonna is hiervan op de hoogte gebracht", aldus de organisatie van het liedjesfestijn.

Madonna trad op voor de puntentelling. Ze vertolkte haar hit Like A Prayer en de nieuwe single Future. Vanwege vals gezongen noten leidde het optreden tot veel kritiek op sociale media.

Mogelijk sancties voor IJsland na tonen Palestijnse vlag

Madonna was niet de enige die een statement over het conflict tussen de Israëliërs en de Palestijnen wilde maken. De leden van de opvallende IJslandse band Hatari, die op de tiende plaats eindigde, lieten sjaals met de Palestijnse vlag in beeld zien toen ze te horen kregen hoeveel punten ze van het publiek hadden gekregen.

De EBU heeft laten weten nog in gesprek te gaan over mogelijke sancties voor de delegatie uit IJsland. "De consequenties van deze actie worden besproken door de raad van bestuur."

Het Eurovisie Songfestival werd gewonnen door Nederland. Duncan Laurence wist met zijn nummer Arcade 27 punten meer te behalen dan de Italiaanse act Mahmood. De Russische afvaardiging Sergey Lazarev eindigde op de derde plaats.