Wandelvoetbal en slettenslof worden het in ieder geval niet. De woorden die wel kans maken op de titel Woord van het Jaar 2014 zijn clownspiet, crimiclown, dagobertducktaks, fotobom, jihadgezin, kalifaatganger, moestuinsocialisme, stemfie, straatintimidatie en wegkijkstaat.

“Taal is een vergrootglas om naar de werkelijkheid te kijken.”

Winnaars van voorgaande jaren raken soms ingeburgerd, zoals selfie (2013). Het zijn echter niet allemaal blijvertjes. Bokitoproof uit 2007, toen gorilla Bokito ontsnapte en een bezoekster van Diergaarde Blijdorp ernstig verwondde, hoor je nog maar zelden.

Dat geeft ook niet, want de verkiezing gaat om aandacht voor taal, in dit geval in de waan van de dag, zegt hoofdredacteur Ton den Boon van organisator Van Dale, die de genomineerde woorden deze week bekendmaakte.

''Taal is een vergrootglas om naar de werkelijkheid te kijken. Woorden zijn een afspiegeling van de tijd waarin we leven.''

De afgelopen jaren leefden we in tijden van swaffelen, ontvrienden, gedoogregering, tuigdorp en Project X-feest, getuige de lijst met winnende woorden.

Den Boon wil zijn favoriet van dit jaar niet verklappen, al vindt hij moestuinsocialisme wel prikkelend. ''Je weet niet meteen wat het betekent, maar het is wel duidelijk dat er iets mis is.'' 

Jihadgezin en kalifaatganger mogen wat hem betreft snel weer uit onze woordenschat verdwijnen ''vanwege het fenomeen''. Nieuwe woorden onstaan vaak op redacties. Wegkijkstaat komt uit een artikel van een dominee en stemfie is ontstaan op Twitter (#stemfie), maar vaak is onduidelijk waar en wanneer een woord precies is ontstaan. 

Betuttelend

Nieuwe woorden, of neologismen, daar weet het Instituut voor Nederlandse Lexicologie (INL) alles vanaf. Het instituut geeft (alleen op internet) het Algemeen Nederlands Woordenboek uit, met daarin woorden vanaf 1970.

Hoofdredacteur Tanneke Schoonheim heeft de lijst met kanshebbers op de titel Woord van het Jaar 2014 doorgenomen. ''Het is een aardige manier om terug te kijken op het jaar. Het gaat niet zo zeer om de woorden, maar om wat er is gebeurd.'' 

Ze schat in dat de top 3 zal bestaan uit stemfie, dagobertducktaks en moestuinsocialisme. Over de derde plek twijfelde ze nog even, want straatintimidatie is zo'n begrijpelijk woord dat dat ook best veel stemmen kan krijgen.

''Of het is juist al zo normaal geworden dat het niet wordt gekozen. Eigenlijk was ik verbaasd dat het niet al lang bestond.''

Moestuinsocialisme gaat niet winnen, denkt Schoonheim, maar blijft vermoedelijk wel bestaan. Het kan namelijk ook worden gebruikt voor andere betuttelende ideeën van politici in het kader van de participatiemaatschappij.

''Bijvoorbeeld als de minister wil dat we zelf iedere avond onze dementerende moeder in bed gaan leggen.''

Dagobertducktaks is een woord waar je veel spelfouten in kunt maken, maar los daarvan is het waarschijnlijk wel een woord dat we zullen blijven gebruiken. Iedereen kent Dagobert Duck en snapt wat het woord betekent. Stemfie is een kandidaat voor de eerste plek; het woord klinkt lekker en kan bij alle verkiezingen weer opduiken.

''Alle varianten op selfie doen het trouwens goed. Dat zijn er al zo'n 25.'' Het INL organiseert overigens een heel ander soort woordverkiezing: Weg met dat woord! Vorig jaar stemden Nederlanders en Vlamingen het woord kids weg, omdat het 'overbodig en onnodig hip' is. 

Biefstuksocialisme

Moestuinsocialisme is de favoriet van schrijver en taalkundige Wim Daniëls. Voor hem is het een verrassende combinatie als variant op het woord biefstuksocialisme uit de jaren 70. Dat is bedacht door econoom Hans van den Doel: een arbeider wordt niet gelukkig van alleen een biefstukje, hij wil ook goed onderwijs. 

“Als de staat wegkijkt kom je uit op moestuinsocialisme.”
Wim Daniëls

Woorden die Daniëls graag in de lijst had gezien zijn Persieing en Goudsekaaspiet. Wat hem betreft hadden er best wat positieve woorden bij gekund. Nu vertegenwoordigen de woorden toch vooral alle ellende van dit jaar, terwijl 2014 ook weer niet alleen maar treurig was.

''De duikvlucht van Robin van Persie op het WK Voetbal was tenslotte prachtig'', verklaart Daniëls het gemis van het woord Persieing. Hij heeft sowieso een voorliefde voor woorden met daarin de naam van een stad of persoon, vandaar dat hij Goudsekaaspiet graag terug had gezien in de lijst. 

Het valt de taalkundige op dat het dit keer een 'paartjeslijst' is geworden, met woorden die bij elkaar horen of iets met elkaar gemeen hebben.

''Als de staat wegkijkt (wegkijkstaat) kom je uit op moestuinsocialisme. Jihadgezin en kalifaatganger horen bij elkaar. Er zijn twee woorden met 'clown': clownspiet en crimiclown. Verder gaan stemfie en fotobom beide over een foto'', somt hij op. 

Weinig écht nieuwe woorden

''Echt nieuwe woorden, zoals nozem uit de jaren 50, komen er in onze taal al lange tijd niet meer bij. Dat blijkt ook uit deze lijst'', zegt Daniëls.

''Het zijn vooral nieuwe samenstellingen van woorden.'' Den Boon beaamt dat: ''Er zijn twee soorten nieuwe woorden. Ten eerste de afleidingen (aso-, eco-) en de samenstellingen, die zijn goed voor tachtig tot negentig procent van de aanwas. Ten tweede de leenwoorden uit andere talen zoals het Engels, Duits en Frans.''

Van de lijst genomineerde woorden halen misschien twee woorden de Dikke van Dale, vermoedt Den Boon. De rest verdwijnt weer, samen met het verschijnsel. 

Op 16 december wordt de winnaar van het Woord van het Jaar 2014 bekendgemaakt. Stemmen kan hier

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend