De uit de PvdA gegooide Kamerleden Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk zullen het in hun nieuwe partij moeten hebben van de Turkse stem. Maar hoe groot is die steun? Gezien de bewezen steun uit de Turkse gemeenschap zijn zetels niet ondenkbaar.

De twee zijn na hun vertrek uit de PvdA de nieuwe beweging gestart om de "verharding, verruwing en verrechtsing" van de Haagse politiek te stoppen. 

Ze laten geen moment onbenut om te benadrukken dat ze er zijn voor álle Nederlanders, waarmee ze nadrukkelijk ook de interesse proberen te wekken van andere groepen migranten.

En ze hebben daarbij best reden om optimistisch te zijn. Kuzu haalde bij de verkiezingen in 2012 in zijn eentje 23.000 stemmen op, vooral in zijn woonplaats Rotterdam. Öztürk kreeg er ruim 9.800.

In totaal wisten de kandidaten met een Turkse achtergrond een respectabele 85.000 stemmen te halen bij de Kamerverkiezingen in 2012. Een kleine 63.000 stemmen waren nodig voor een zetel. 

Dat de backbenchers Kuzu en Öztürk, en ook de andere Turkse kandidaten, relatief veel voorkeursstemmen kregen, maakt duidelijk dat in de Turkse gemeenschap behoefte is aan Turkse vertegenwoordiging, wat de kans van slagen van de beweging vergroot.

Ook bij de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen bleek op meerdere plekken dat Turkse kandidaten hun partijgenoten met voorkeursstemmen wisten te verdringen.

Onvrede jongeren

Oud-PvdA-Kamerlid Metin Çelik, eveneens met een Turkse achtergrond, verklaart de grote steun voor Kamerleden als Kuzu en Öztürk door de onvrede bij de jongste generatie met een Turkse achtergrond.

"De generatie van mijn kinderen zou zich hier thuis moeten voelen, maar dat is niet zo en dat zet te denken", aldus Çelik. "We merken allemaal dat de Nederlandse politiek redelijk is verhard. Bewust of onbewust. Daardoor is een tweedeling ontstaan."

Als gevolg hiervan worden Turkse Nederlanders volgens hem op een negatieve manier geconfronteerd met het feit dat ze weliswaar in Nederland geboren zijn, maar wel een Turkse achtergrond hebben.

“Idealen zijn dan minder belangrijk dan identiteit.”
Metin Çelik

"Aan je kleur kun je niks veranderen en dat merk je steeds weer: op straat, op school, bij het vinden van een baan. Je blijft een buitenlander, ook al ben je een geboren Nederlander. Dan kan ik me voorstellen dat gevoelens van onvrede opkomen", aldus het oud-Kamerlid.

De onvrede vertaalt zich vervolgens in georganiseerd stemgedrag, stelt Çelik. "Idealen zijn dan minder belangrijk dan identiteit."

Geen voet aan de grond

Politicoloog Jean Tillie, die jarenlang onderzoek deed naar het stemgedrag van minderheden in Nederland, verwacht echter niet dat een etnische of religieuze partij landelijk voet aan de grond zal krijgen. 

"De inhoud van de partijprogramma's is leidend", aldus Tillie. "Ook de Turkse gemeenschap kijkt naar hoe een partij denkt over economie, onderwijs, wonen, etcetera. Wat je wel ziet is dat ze daarbinnen op zoek gaan naar de Turkse kandidaat."

Dat de Turkse Nederlanders op zoek gaan naar een kandidaat met een Turkse achtergrond is volgens hem te verklaren door de geschiedenis. "Turkije is een wereldrijk geweest. Dus ze hebben een soort trots en vinden dat ze een bepaalde positie hebben in de wereld", stelt hij.

"Er is wel iets aan het veranderen. Eerder was de gemeenschap dusdanig georganiseerd dat verschillende groepen Turken zich wisten te verenigen. Dat had een positief effect op de participatie en het vertrouwen in de politiek. Maar dat is niet meer zo. Ze zijn nu gefragmenteerd. Daardoor zie je nu ook radicaliserende groepen."

Wel erkent hij dat de mate van mobilisatie van een gemeenschap op lokaal niveau een rol speelt bij het succes van een partij langs etnische of religieuze lijnen. Hij wijst daarbij op NIDA, de Rotterdamse moslimpartij die erin slaagde om twee zetels te veroveren.

Conservatieve geluiden

Dat georganiseerde stemgedrag kan ook conservatieve geluiden met zich meebrengen. Zo viel er voor de verkiezingen in 2012 op de blogsite habergelderland.com een artikel te lezen met de kop 'Stem op een Turk, anders krijgen we een witte Tweede Kamer':

"Dankzij de Gaypride zullen de kandidaten van D66 [...] geen steun krijgen van de achterban. Meedoen aan de Gaypride op een Turkse boot tijdens de Ramadan (D66-Kamerlid Fatma Koser Kaya, red.), is niet uit te leggen aan de meerderheid van de achterban. Onderstaande kandidaten zijn toch de meest geschikte kandidaten om hun vertegenwoordigende rol van de Turkse gemeenschap goed op te pakken en uit te voeren. Een aantal kandidaten noemen we bewust niet op, omdat de gemeenschap daar niet veel aan zal hebben...."

Of het door de deze oproep kwam of niet: van de bijna 19.000 stemmen die Koser Kaya in 2010 haalde bleven er net twee jaar later een schamele 5.000 over.

Songfestival

Opiniepeiler Maurice de Hond taxeert de potentie van de beweging van Kuzu en Öztürk op 1 a 2 zetels, zo laat hij desgevraagd weten.

"Bij het Eurovisiesongfestival gaan er ook altijd opvallend veel stemmen vanuit Nederland naar Turkije", aldus De Hond, die daarmee zegt dat Nederlandse Turken vaak stemmen op iemand met hun eigen achtergrond.

"Bij de gemeenteraadsverkiezingen bleek eveneens dat Turkse kandidaten opvallend veel voorkeursstemmen kregen. Subgroepen zijn ook landelijk te mobiliseren dus dan kan die groep best weleens groot worden."

Volgens Çelik is de kans groot dat er hoe dan ook bij de volgende verkiezingen een partij voor Turkse allochtonen op het stembiljet zal staan.

“Het kan zomaar zijn dat deze partij succesvol wordt.”
Metin Celik

"Hoogopgeleide conservatieve Turken zijn momenteel in diverse steden bezig om een partij te stichten. Dat is in een vergevorderd stadium." Çelik weet niet of Kuzu en Öztürk hierbij betrokken zijn.

Hij sluit niet uit dat de beweging van Kuzu en Öztürk, of de 'Turkse'-partij, een zetel zal halen. "Met de onvrede onder met name hoogopgeleide Turken kan het zomaar zijn dat deze partij succesvol wordt."

Çelik is echter tegen een 'Turkenpartij'. "Ik vind dat Turken zich moeten organiseren in bestaande partijen. Ondanks tegenslagen moet je binnen bestaande partijstructuur zodanig georganiseerd zijn dat je wel dingen voor elkaar krijgt."

Een derde

Hoe dan ook kregen Kuzu en Öztürk afgelopen week een steuntje in de rug. Uit een peiling van de tv-zender Demet TV, die zich vooral richt op de Turkse gemeenschap, zou blijken dat één op de drie Turkse Nederlanders nu op hen zou stemmen.

Ook zou de PvdA 77 procent van de 'Turkse' zien overlopen naar het vertrokken duo. De gepeilden willen overigens net als Kuzu en Öztürk dat hun beweging voor alle Nederlanders (67 procent). 3,3 procent vindt dat de beweging zich moet richten op Turken, 13,6 procent op moslims, 15,6 procent op migranten.

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend