Wat er tot nu toe is ondernomen tegen IS in Syrië en Irak

Sinds begin augustus hebben de Amerikaanse luchtmacht en marine de aanval ingezet op terreurbeweging Islamitische Staat (IS). Dit gebeurde eerst alleen in Irak, maar sinds deze week ook in Syrië. Hoe is dat tot nu toe verlopen?

De groepering die IS of ISIS vormt bestaat al sinds 2004, maar komt pas echt op de internationale radar door de inname van de Iraakse miljoenenstad Mosul in juni 2014. Doordat het Iraakse leger op de vlucht slaat, krijgt IS een grote hoeveelheid vooral Amerikaans wapentuig in handen.

In de weken die volgen roept IS een eigen kalifaat uit en rukken de strijders op naar de Koerdische gebieden in het noorden van Irak, waarbij vooral de yezidi-minderheid massaal op de vlucht slaat om uit handen van IS te blijven.

Jihadisten van IS richten massaslachtingen aan onder yezidi's en christenen in de regio en een humanitaire ramp ontstaat.

Goedkeuring

Op 7 augustus geeft de Amerikaanse president Barack Obama zijn goedkeuring voor luchtaanvallen op doelen van IS in het noorden van Irak, officieel om "Amerikaanse belangen in de regio te beschermen".

Obama doelt hierbij onder meer op het Amerikaanse consulaat in de Koerdische stad Erbil. Ook worden er levensmiddelen gedropt voor de op de vlucht geslagen yezidi's en christenen. De Iraakse overheid geeft toestemming voor de Amerikaanse vliegbewegingen boven haar grondgebied.

In de dagen na de eerste luchtaanvallen wordt steeds duidelijker welke misdaden de IS-extremisten plegen in het noorden van Irak. Op 10 augustus brengen de jihadisten zeker vijfhonderd yezidi's om bij een aanval op een dorp, waarbij een onbekend aanval vrouwen en kinderen levend wordt begraven.

Stuwdam

Koerdische troepen proberen ondertussen met Iraakse en Amerikaanse luchtsteun de Mosul-stuwdam te veroveren, die op dat moment in handen is van IS. De angst bestaat dat IS de dam wil opblazen, wat kan leiden tot overstromingen tot in de Iraakse hoofdstad Bagdad.

De Koerdische Peshmerga-troepen gaan de strijd aan met IS en krijgen daarvoor militair materieel van diverse landen, waaronder Nederland.

Op 19 augustus komt een video naar buiten waarop IS laat zien dat de Amerikaanse journalist James Foley is onthoofd. Obama spreekt een dag later van een 'brute moord'. Al snel blijkt dat de Amerikanen hebben geprobeerd om Foley en andere Amerikaanse gevangenen te bevrijden. Deze missie mislukt echter.

Geen strategie

Eind augustus overwegen de Amerikanen voor het eerst om IS ook in Syrië vanuit de lucht aan te vallen. Obama zegt dat hij "nog geen strategie" heeft om de terreurbeweging ook in Syrië aan te vallen en wil eerst een lokale coalitie zoeken om dat te doen. IS alleen in Irak bombarderen heeft volgens de Amerikanen geen zin, omdat de extremisten zich dan naar Syrië zouden kunnen verplaatsen.

Begin september blijkt uit een nieuwe video dat IS ook de Amerikaanse journalist Steven Sotloff heeft onthoofd. In de dagen die volgen, voeren de Amerikanen opnieuw diverse luchtaanvallen uit op IS-doelen in Irak. Dit wordt vooral gedaan door Super Hornet-straaljagers van de Amerikaanse marine, die het vliegdekschip USS George H.W. Bush in de Perzische Golf heeft gemanoeuvreerd.

Obama zegt op 10 september in een televisietoespraak dat de Amerikanen inderdaad van plan zijn om IS in Syrië aan te vallen. De campagne tegen de extremisten in Irak krijgt in de dagen erna steun van Frankrijk, dat Rafale-straaljagers naar de regio heeft gestuurd. Op 19 september vallen de eerste Franse bommen op doelen van IS in Irak. IS wordt in Syrië vooralsnog ongemoeid gelaten.

Coalitie

Dat verandert in de nacht van 22 september, als een Amerikaans geleide coalitie de aanval inzet op IS-posities in Syrië. Aan het luchtoffensief doen toestellen uit Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten, Jordanië, Bahrein en Qatar mee. De Amerikanen nemen het voortouw met een grote hoeveelheid kruisraketten, die worden gelanceerd van schepen in de Perzische Golf en de Rode Zee.

Ook stijgt een groot aantal Amerikaanse straaljagers en bommenwerpers op om doelen van IS en ook het al-Nusra Front te bombarderen. De hypermoderne F-22 Raptor krijgt zijn debuut in een gevechtssituatie.

De Amerikanen vragen het regime van de Syrische president Bashar al-Assad geen toestemming om de aanvallen op Syrisch grondgebied uit te voeren.

De Verenigde Staten beroepen zich op zelfverdediging als grond voor een volkenrechtelijk mandaat. Wel wordt Assad op de hoogte gebracht van de op handen zijnde luchtaanvallen. De Syrische luchtmacht krijgt het nadrukkelijke advies "de toestellen van de coalitie niet aan te vallen".

Blij

Assad laat de volgende dag weten blij te zijn met elke aanval die gericht is op 'terroristen in Syrië'. Of hij de Amerikaanse aanval op IS en al-Nusra in Syrië als hulp aan zijn regime moet beschouwen is maar zeer de vraag. In de dagen die volgen benadrukt Obama dat de Amerikanen nog steeds graag van Assad af willen en daarvoor de gematigde oppositie in Syrië willen steunen.

De coalitie gaat de verdere week mondjesmaat door met het aanvallen van IS-posities in Irak en Syrië. Daarbij worden vooral de olievelden die IS in handen heeft onder vuur genomen. Ook voertuigen, tanks en commando- en communicatieposten worden bestookt.

"Dit is nog maar het begin", zegt het Pentagon dinsdag. De Amerikaanse aanwezigheid in de regio groeit met de komst van meer vliegtuigen en schepen. Onder meer een dozijn A-10 grondaanvalstoestellen wordt naar de Golfregio gestuurd.

Nederland

Woensdag besluit de Nederlandse regering ook onderdeel te worden van de 'Coalition of the Willing'. Nederland stuurt zes operationele F-16's en twee reservetoestellen naar de regio om IS in Irak te kunnen bombarderen. "Het is van belang dat we als deelnemende landen een signaal afgeven", zegt premier Mark Rutte tijdens zijn toespraak voor de VN-Veiligheidsraad. Vicepremier Lodewijk Asscher spreekt van een "reële bijdrage".

Ook België stuurt straaljagers. De Amerikanen laten die dag weten te verwachten dat de eerste fase van de campagne tegen IS wel een jaar kan duren. In de eerste week lopen de schattingen van omgekomen IS-strijders uiteen, maar zeker honderd jihadisten komen om bij de aanvallen door de coalitie.

Vrijdag stemt het Britse Lagerhuis na een debat over deelname aan de strijd tegen IS. Denemarken besloot eerder al zeven F-16's beschikbaar te stellen. 

Meer langere verhalen en achtergronden op NUweekend

Lees meer over:
Tip de redactie