Na een jaar waarin hij trouwde, op huwelijksreis ging, vader werd en vooral níét schaatste, keerde Jan Blokhuijsen (30) afgelopen weekend bij het World Cup Kwalificatie Toernooi terug op de ijsbaan. Met een redelijke 5 kilometer en een val op de 1.500 meter was het geen vlekkeloze rentree.

Twaalf jaar na zijn debuut op een groot toernooi - de NK afstanden van 2007 - voelt het vrijdag voor Blokhuijsen tijdens zijn 5 kilometer in Heerenveen alsof hij weer voor het eerst op televisie mag schaatsen.

"Ik heb op de Olympische Spelen gestaan, weet hoe het is hard te rijden in Thialf", zegt de Noord-Hollander. "Je denkt het trucje dus wel te kennen, maar als je het zo lang niet gedaan hebt, voelt het toch raar om weer te racen."

Blokhuijsen - met vier olympische medailles, tien podiumplekken op WK's en acht medailles op EK's op zijn erelijst - komt in zijn eerste officiële wedstrijd sinds de Spelen van 2018 op de kruisingen meerdere keren in de knoei met zijn acht jaar jongere tegenstander Chris Huizinga.

Met een eindtijd van 6.20,50 is Blokhuijsen wel twee seconden sneller dan drie weken eerder bij een trainingswedstrijd in Inzell, en tien seconden sneller dan een maand eerder bij een trainingswedstrijd in Heerenveen. In de uitslag van het kwalificatietoernooi levert het de zesde plek op, net niet genoeg voor een ticket voor de eerste wereldbekers.

"Het was onwennig", glimlacht de rijder van Team IKO na zijn race. "Het was lastig om de hele tijd de focus op het schaatsen te houden. Dit was geen toprace, maar dat is ook niet zo gek na zo'n lange tijd niet geracet te hebben. En ik ben een seizoen weleens met een slechtere tijd begonnen op de 5 kilometer. Dus voor nu is het prima, zeker als je weet wat voor bloed, zweet en tranen eraan zijn voorafgegaan."

Jan Blokhuijsen (midden) werd in 2014 met Sven Kramer (links) en Koen Verweij (rechts) olympisch kampioen op de ploegenachtervolging. (Foto: Pro Shots)

'Ik was behoorlijk wat zwaarder geworden'

Het was even schrikken toen Blokhuijsen vorig jaar in de spiegel keek. Natuurlijk wist hij dat zijn lichaam zou veranderen als hij niet meer zou trainen als een topsporter, maar het tempo van die transformatie lag onverwacht hoog.

"Als je niet traint, word je een stuk minder fit", lacht de allrounder. "Ik was behoorlijk wat zwaarder geworden en flink wat spiermassa in mijn benen kwijtgeraakt. Dat gaat echt bizar snel als je niet meer schaatst."

De keuze om een jaartje geen topsporter te zijn, was evenwel een zeer bewuste. Blokhuijsen trouwde in april 2018, ging daarna op huwelijksreis in Australië en werd in januari van dit jaar vader. Hij kreeg toen zijn dochter Jackie-Noé.

"Na de Spelen van Pyeongchang wisten mijn vriendin en ik dat we wilden trouwen en een gezinnetje wilden beginnen. In eerste instantie wilde ik nog wel doortrainen, maar dat liep even anders omdat mijn ploeg (Team JustLease.nl, red.) ermee ophield. Vervolgens gingen we op huwelijksreis en kwam er een kleine aan, dus was het wel lekker om daarmee bezig te zijn in plaats van aan mezelf te denken."

Het schaatsen definitief vaarwel zeggen, was nooit een optie. "Het was fijn om een jaartje geen prestatiedruk te hebben. Maar ik heb wel gewoon naar schaatsen gekeken op televisie, het laat je nooit echt los. In mijn hoofd was ik nog zeker niet gestopt, ik wilde dit seizoen weer heel erg graag meedoen."

Jan Blokhuijsen valt op de 1.500 meter in Thialf. (Foto: Pro Shots)

'Val symboliseert dat het nog niet perfect is'

Op dag twee van zijn rentree ligt Blokhuijsen al na een halve minuut op het ijs. Een val leidde zaterdag tot een vroeg einde van zijn 1.500 meter, een afstand waarmee hij zijn hele carrière al een haat-liefdeverhouding heeft.

"Dit is kut, balen", zegt de Europees kampioen allround van 2014 in de catacomben van Thialf. "Misschien symboliseert dit wel dat het nog niet allemaal perfect is als je een jaar niks hebt gedaan. Ik moet meer scherpte krijgen, want dit mag niet gebeuren."

Blokhuijsen vat het weekend van zijn rentree samen als "niet top". Maar hij weet ook dat hij vooral is teruggekeerd om in 2022 in Peking het grote hiaat op zijn erelijst te vullen door een individuele olympische titel te winnen, het liefst op de 5 kilometer.

"Ik ben trots op mijn zilveren medaille op de 5.000 meter van 2014, maar ik heb nog die droom om olympisch kampioen te worden. De komende 2,5 jaar staan in het teken van dat doel. Uiteindelijk ligt het aan jezelf: hoe graag wil je het en hoeveel wil je ervoor laten?"