Kjeld Nuis stond zondag met een grote glimlach op het podium van het WK sprint. De 29-jarige schaatser moest zijn meerdere erkennen in Pavel Kulizhnikov en Tatsuya Shinhama, maar door zijn twee ijzersterke 1.000 meters verliet hij Thialf met een heel goed gevoel.

"Ik ben echt blij met deze bronzen medaille", aldus Nuis. "Omdat ik een goed kampioenschap heb gereden en twee keer een uitschieter heb laten zien op de 1.000 meter. Het ging echt heel goed op de kilometers."

De olympisch kampioen won de eerste 1.000 meter zaterdag in 1.07,86, goed voor een verschil van bijna twee tienden op de nummer twee, Masaya Yamada uit Japan (1.08,03). Een dag later declasseerde de rijder van Jumbo-Visma de concurrentie met een winnende tijd van 1.07,80. Het gat met Kulizhnikov, die tweede werd in 1.08,62, was meer dan acht tienden.

"82 honderdsten voorsprong op de rest is echt heel sterk", jubelde Nuis. "De race was ook heel goed, elke meter was lekker en ik kon doorrammen tot het einde. Daarom was ik ook zo euforisch vandaag na mijn 1.000 meter. Van zo'n groot verschil krijg je veel zelfvertrouwen."

Twee weken geleden beleefde de geboren Zuid-Hollander nog zijn grootste teleurstelling van het seizoen, want op de 1.000 meter bij de WK afstanden in Inzell werd hij als titelverdediger 'slechts' derde. "Dat was een harde les, maar het is lekker dat het veertien dagen later alweer goed zit."

Het podium van het WK sprint met van links naar rechts: Shinhama, Kulizhnikov en Nuis. (Foto: ANP)

'Ik rijd maar een paar 500 meters per jaar'

Ondanks zijn zeges op de 1.000 meter zat de wereldtitel sprint er dit weekend nooit echt in. Kulizhnikov (34,74 en 34,31) pakte - net als Shinhama (34,66 en 34,45) - op de 500 meters te veel tijd op Nuis (34,98 en 35,05) om het echt spannend te maken voor het goud.

"Ik vind het lastig om te zeggen of ik ooit wereldkampioen sprint kan worden", aldus Nuis, die ook in 2016 (zilver), 2017 (brons) en 2018 (zilver) op het podium stond bij het WK sprint.

"Ik rijd tegen gasten die elke week een 500 meter rijden en daar helemaal strak voor staan. Ik rijd maar een paar 500 meters per jaar, dat is het verschil. Ik ben op waarde geklopt dit weekend, Kulizhnikov reed vandaag een fantastische 500 meter."

De pupil van Jac Orie richt zich vooral op de 1.000 en de 1.500 meter, de afstanden waarop hij olympisch kampioen is, en dus traint hij minder specifiek op de sprint dan de meeste van zijn concurrenten dit weekend in Heerenveen.

"Ik vind het te risicovol om te veel op de 500 meter te trainen, want ik vind de 1.500 meter veel te mooi", stelde Nuis. "Natuurlijk had ik hier heel graag gewonnen, maar ik heb er nu eenmaal meer mee om op een losse afstand kampioen worden. Ik wil 1.000 en 1.500 meters blijven winnen. En dan hoop ik dat ik genoeg snelheid heb om de 500 meter goed te rijden."

Verbij beleeft frustrerend WK sprint

Voor de tweede Nederlander in de eindstand van het WK sprint, Kai Verbij, was het een teleurstellend toernooi. De wereldkampioen van 2017 hoopte minimaal op een podiumplaats, maar na een mislukte wissel zaterdag op de eerste 1.000 meter was die kans al zo goed als verkeken.

Verbij begon zondag nog wel goed met de derde plek op de 500 meter, maar op de 1.000 meter, de afstand waarop hij twee weken geleden wereldkampioen werd, eindigde hij slechts als zesde.

"Ik ben de hele week al snotverkouden", gaf de rijder van Team Reggeborgh na het toernooi toe. "Ik wilde liever niet hardop zeggen dat ik niet fit was, want dan ga je er nog in geloven ook. Het schaatsen ging ook goed, maar op de 1.000 meter zat ik vandaag een seconde achter Nuis. Dat is belachelijk en dan ben je gewoon niet goed genoeg."

"Al met al was het een heel frustrerend WK voor mij, want ik denk dat het podium er zeker in had gezeten. Maar ik ben geen robot; mijn lichaam wilde gewoon niet dit weekend."