Sven Kramer heeft vrijdag in Inzell zijn twintigste gouden medaille op de WK afstanden veroverd. De Fries was samen met Douwe de Vries en Marcel Bosker de sterkste op de ploegachtervolging. Bij de vrouwen pakten Ireen Wüst, Antoinette de Jong en Joy Beune het zilver achter Japan.

Kramer, De Vries en Bosker kwamen tot een tijd van 3.38,43. Daarmee doken ze bijna drie seconden onder het baanrecord (3.41,27) in de Max Aicher Arena, dat sinds 2015 in handen was van De Vries, Jan Blokhuijsen en Arjan Stroetinga.

Het Nederlandse trio hield de concurrentie ruim achter zich. Olympisch kampioen Noorwegen bleef met 3.40,80 het dichtst in de buurt en Rusland eiste met 3.41,31 het brons voor zich op.

De 32-jarige Kramer won eerder op de WK afstanden acht wereldtitels op de 5.000 meter, vijf op de 10 kilometer en zes op de achtervolging. In totaal behaalde hij 24 medailles op dit toernooi.

Donderdag werd Kramer onttroond als wereldkampioen op de 5 kilometer. De rijder van Jumbo-Visma greep het brons achter Sverre Lunde Pedersen (goud) en Patrick Roest (zilver).

In totaal is het de tiende wereldtitel voor de Nederlandse schaatsers op de ploegachtervolging, dat sinds 2005 op het programma staat bij de WK afstanden. Alleen in 2011 greep het Oranje-trio naast het goud, dat naar de Verenigde Staten ging.

Wüst, De Jong en Beune pakken zilver

Bij de vrouwen zetten Wüst, De Jong en Beune een tijd van 2.56,20 neer. Daarmee waren ze net iets langzamer dan het Nederlands record (2.55,57), dat eind 2017 in Salt Lake City werd gereden door Melissa Wijfje, Marrit Leenstra en Lotte van Beek.

Het was de eerste keer dat Nederland in deze samenstelling reed op de ploegachtervolging. Het Oranje-trio gaf bijna een halve seconde toe op de winnende tijd (2.55,78) van Japan, dat dit seizoen alle wereldbekerwedstrijden won en vorig jaar de olympische titel veroverden.

Miho Takagi, Nana Takagi en Ayano Sato reden in de slotrit lange tijd boven het schema van Nederland, maar maakten het verschil in de laatste rondes. Het brons ging met 2.57,72 naar Rusland.

Voor de Nederlandse vrouwen is het de tiende WK-medaille op de ploegachtervolging. In 2008, 2012, 2013, 2016 en 2017 ging het goud naar de Oranje-schaatssters, die in 2007, 2009, 2011 en 2015 het zilver pakten.

Voor De Jong is het haar tweede medaille tijdens deze WK afstanden. De Rottumse veroverde donderdag achter Martina Sáblíková het zilver op de 3.000 meter.