Schaatsbond KNSB zou in 1985 de diefstal van urinestalen van schaatssters Ria Visser en Yvonne van Gennip uit een dopinglab in de doofpot hebben gestopt.

Dat melden de Volkskrant en Andere Tijden Sport. Zij spraken met Douwe de Boer, destijds stagiair bij het dopinglab en tegenwoordig dopingonderzoeker, die stelt dat bondsarts Rob Pluijmers het koffertje met de urinestalen zou hebben gestolen.

De destijds twintigjarige Van Gennip en 23-jarige Visser verbaasden in 1985 bij het EK in Groningen door als tweede en vierde te eindigen. Op de slotdag van het EK verdween het koffertje met de stalen van Van Gennip en Visser uit het dopinglab van het Radboud Ziekenhuis in Nijmegen.

Binnen de KNSB ontstond paniek toen bleek dat de urinestalen gestolen waren. Op basis van het signalement van de dader, doorgegeven door een portier van het ziekenhuis, vermoedden medewerkers dat arts Pluijmers de dief zou zijn. De schaatsbond vreesde een dopingschandaal en besloot het gebeuren in de doofpot te stoppen. Kort na de verdwijning van het koffertje staakte Pluijmers zijn werk bij de KNSB omdat hij ziek zou zijn geworden.

'Bondsarts gooide het koffertje in de Waal'

Volgens de toenmalige stagiair bij het dopinglab bekende Pluijmers de diefstal tegenover het hoofd van het lab. "Die heeft mij dat in vertrouwen verteld. De bondsarts zei dat hij het koffertje in de Waal had gegooid", aldus De Boer. Verschillende ingewijden zouden het verhaal van De Boer ondersteunen, zo schrijft de Volkskrant.

Volgens de stagiair had het lab net apparatuur aangeschaft waarmee het verboden middel testosteron kon worden aangetoond in de urine. "Waarschijnlijk heeft Pluijmers geëxperimenteerd met anabole steroïden en werd hij vervolgens zenuwachtig", denkt De Boer.

Documentatie niet meer aanwezig bij KNSB

De Nederlandse schaatsbond laat aan de NOS weten dat zij "niet meer kunnen achterhalen of het waar is wat wordt gesuggereerd". Volgens een woordvoerder is de documentatie niet meer aanwezig. "Het huidige bestuur en de directie kunnen geen verantwoordelijkheid dragen voor besluiten die dertig jaar geleden zijn genomen."

Van Gennip en Visser hoeven volgens de Dopingautoriteit niet te vrezen voor consequenties. "De feiten zijn al lang verjaard", zegt directeur Herman Ram.

De schaatssters zelf zijn erg geschrokken van het verhaal en ontkennen ooit doping te hebben gebruikt. "Ik kan mezelf recht in de spiegel aankijken. Ik zou niet met mezelf kunnen leven als ik mijn prestaties niet op een eerlijke manier had behaald", stelt Van Gennip in de Volkskrant.

Pluijmers lichtte sporters in over opsporing testosteron

Visser is boos op de schaatsbond dat Van Gennip en zij nooit zijn ingelicht over de diefstal. "Dit is zó onder het kleed geveegd. Ik vind het onbegrijpelijk dat hier nooit over is gesproken met ons."

Pluijmers claimt op de dag van de diefstal een hersenbloeding te hebben gehad. "Ik heb daar totaal geen herinneringen aan. Ik heb wel aan de sporters verteld hoelang testosteron na gebruik nog kan worden opgespoord", aldus de toenmalige bondsarts, die ontkent de sporters ooit doping te hebben gegeven.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!