Sven Kramer had zich er vrijdag van tevoren al bij neergelegd dat het aanscherpen van zijn eigen wereldrecord er niet in zat op de 5000 meter bij de World Cup in Calgary.

De 31-jarige Kramer kondigde in de aanloop naar het wereldbekerweekend aan dat hij de ambitie had een aanval te doen op de mondiale toptijd van 6.03,32 die hij ruim tien jaar geleden al reed in de Olympic Oval van Calgary.

Dat zat er vrijdag echter geen moment in voor de Fries, die de afstand wel won en zo zijn zestigste World Cup-zege boekte. In zijn afsluitende rit tegen de Nederlandse Canadees Ted-Jan Bloemen, die met een persoonlijk record het zilver pakte, zette de olympisch kampioen een winnende tijd van 6.07,04 neer.

"Ik had zelf ook graag harder gereden, maar het was in het begin een beetje mat" gaf Kramer toe bij de NOS. "De snelle rondetijden wilden niet komen. Ik verslapte te vaak in het persoonlijke duel met Bloemen. In een race tegen de klok was het anders geweest."

Magie

Toch was het aanscherpen van zijn eigen record niet zijn grootste drijfveer op de Canadese hooglandbaan, meent Kramer. "Een wereldrecord was niet het belangrijkste, was niet urgent en ook niet reëel."

"De intentie verdween bij mij vooraf al een beetje toen ik zag dat de anderen niet onder de 6.10 konden duiken. Dan kan ik evenmin een wereldrecord rijden. Dat is de magie van een wereldrecord. Daarvoor moet echt alles kloppen", weet de Fries, die zijn wereldrecord op de 10 kilometer twee jaar geleden moest afstaan aan Bloemen.

Voor Kramer was de gewonnen 5000 meter zijn derde ritzege in deze wereldbekercyclus. De negenvoudig wereldkampioen allround was eerder de sterkste op de 5 kilometer in Heerenveen en de 10 kilometer in het Noorse Stavanger.

Live op de hoogte blijven van de World Cup in Calgary? Download de NUsport-app