​Jorien ter Mors was dit weekend met afstand de beste sprintster bij de KNSB Cup met afgetekende zeges op de 500 en 1000 meter. De 25-jarige Enschedese was vooral blij dat ze na een moeilijke periode aantoonde weer bij de schaatstop te horen.

"Deze races bevestigen dat ik terug ben op het niveau dat ik anderhalf jaar geleden had", zegt Ter Mors na de 1000 meter van zondag, waarop ze met 1.15,95 bijna twee seconden sneller was dan de nummer twee.

"Maar ik was helemaal niet bezig met de concurrentie. Ik ben gewoon zo blij dat ik hier deze tijd heb gereden. Het zegt veel als je in Enschede 1.15,59 rijdt, want zo'n snelle ijsbaan is het niet."

De olympisch kampioene op de 1500 meter miste het hele vorige seizoen door een vorm van overtraindheid en moest in april praktisch opnieuw beginnen. Dat zorgde voor zware maanden in voorbereiding op deze winter.

"In april zat ik op mijn fietsje en vroeg ik me af wat ik aan het doen was, want ik kwam niet vooruit. Er was zeker twijfel, en angst. Kom ik er nog wel? Kan mijn lichaam de fysieke arbeid nog wel aan? Kan ik ooit weer terugkeren op het niveau dat ik had?"

"Je hoort zoveel verhalen over sporters die overtraind zijn en niet meer terugkomen. Ik ben heel blij dat ik nu wel weer terug ben."

Salt Lake City

Ook in de komende periode zal Ter Mors nog heel voorzichtig met haar lichaam omspringen. Door haar goede resultaten in Enschede is Ter Mors op de 500 en 1000 meter verzekerd van plaatsing voor de eerste vier World Cups, maar ze weet nu al dat ze de tweede wereldbeker in Salt Lake City over drie weken over zal slaan.

"Anders zou ik vier weekenden op rij wedstrijden rijden", doelt de rijdster van Team Afterpay op het feit dat ze maandag in het vliegtuig naar Toronto stapt voor de wereldbeker shorttrack van komend weekend.

"Dat is veel, ook als je helemaal fit bent. Ik heb al gezegd dat ik dit seizoen liever een paar wedstrijden te weinig rijd dan één te veel. Ik rijd twee disciplines en wil dat mijn lichaam heel blijft."

"Ik moet nog steeds heel verstandig zijn. Ik kan de fysieke arbeid goed aan, maar moet voorzichtig zijn met mijn herstel. Zo'n 500 meter op zaterdag vraagt nog steeds meer van me dan het normaal gesproken zou doen."

Calgary

Ter Mors weet daarom ook nog niet welke afstanden ze vanaf vrijdag in Toronto gaat rijden. "Dat hangt ervan af hoe mijn reis verloopt, hoe ik mijn jetlag verwerk, hoe ik herstel komende week. Want ik denk dat ik morgen met een paar zware poten het vliegtuig in stap."

Een week later zal ze de shorttrackbaan weer inruilen voor de langebaan, wanneer in die discipline de eerste World Cup in Calgary op het programma staat. Daar moet blijken wat haar niveau tussen de internationale sprinters waard is.

"Ik heb nog nooit op een hooglandbaan gereden, dus ik weet echt niet wat ik daar kan. Maar dit weekend biedt natuurlijk wel perspectief. Als je hier 1.15.59 kan rijden, dan kun je ook heel hard in Calgary."