Hoewel Gerard Kemkers met zijn pupillen Sven Kramer, Ireen Wüst en Koen Verweij in totaal acht medailles veroverde in Sotsji, houdt de schaatscoach gemengde gevoelens over aan de Olympische Winterspelen.

"We hebben geweldige prestaties neergezet, maar het vervelende is dat een zilveren medaille tegen kan vallen", blikt Kemkers tegenover NUsport terug op het olympische toernooi.

Zo greep Kramer op de 10 kilometer, Wüst op de 1500 en 5000 meter en Verweij op de 1500 meter net naast het goud. "Eigenlijk kun je niet meer verrassen, alleen maar iets verliezen."

Kemkers is wel zeer positief over de werkomstandigheden in Sotsji. Hij heeft geen moment getwijfeld aan de veiligheid en deelt complimenten uit aan de organisatie.

"De Spelen als geheel heb ik als zeer goed ervaren. Ik voelde me de afgelopen weken in Sotsji uitstekend en vooral ook heel veilig. We hadden ons nergens druk over hoeven maken."

Aandacht

Eenmaal terug in Nederland wachtten maandagavond duizenden mensen in Assen op de komst van de olympiërs. Kemkers was onder de indruk. 

"In Sotsji heb ik wel wat geruchten gehoord over de aandacht van het Nederlandse volk, maar in principe zit je in een gesloten gemeenschap. Je bent volledig gericht op de Spelen en bezig met presteren." 

"Dan is het prachtig als je maandag in de bus naar Assen zit en al die mensen langs de snelweg ziet. Dat is precies wat je wil, de boodschap van de sport overbrengen."

Lees ook: Bergsma: 'Door gouden medaille sta ik hier met goed gevoel'

Lees ook: Koning Willem-Alexander ontvangt medaillewinnaars Sotsji