Een halve ronde lang dacht Jan Smeekens olympisch kampioen te zijn, totdat de gecorrigeerde tijden doorkwamen en duidelijk werd dat Michel Mulder hem met een honderdste van een seconde toch verslagen had. "Dat kwam aan als een mokerslag."

"Ik kwam voor goud", begon Smeekens na afloop zijn betoog, "en dan wordt het zilver op zo'n manier. Dat is ongehoord. Ik dacht gewonnen te hebben, wat een anticlimax."

"Ik kwam hier om te winnen en dan verlies je verdomme op zo'n manier."

Zuur

Smeekens, die zijn emoties goed onder controle had, stelde dat de blijdschap over een medaille later wel zal komen. "Nu overheerst alleen het gevoel dat je olympisch kampioen bent en dat vervolgens toch niet blijkt te zijn."

De 500-meterspecialist wilde niet speculeren of de tijdswaarneming wel eerlijk zou hebben plaatsgevonden. "Als ik daar aan ga beginnen wordt het wel erg zuur. Ik ga er vanuit dat de mensen hier hun werk goed hebben gedaan."

Zo'n manier

Smeekens, die vorig jaar zeven World Cups op zijn naam schreef, kende tot dusver een stroef seizoen in aanloop naar de Spelen. "Ik had ook alles op dit toernooi gezet. Geen enkele concessie gedaan, in één streep hier naartoe gewerkt."

"En dan verlies je op zo'n manier", herhaalde hij nog maar eens. "Ik troost me maar met de gedachte dat ik heb gevochten als een leeuw, er alles heb uitgehaald en dat ik wel zilver heb. Maar de manier waarop...", bleef er maar uitkomen bij de sprinter.

Of er een feestje volgt vanavond liet hij tot slot in het midden. "Of ik naar het Heineken Huis moet? Ik moet niets!"