Om verzilting van de Lek en de Hollandsche IJssel tegen te gaan, is stuw Hagestein in Utrecht opengezet. Door meer zoet water naar het westen te laten stromen, wordt het oprukkende zoute water bij Krimpen aan den IJssel teruggeduwd richting zee.

Met de maatregelen wil Rijkswaterstaat voorkomen dat het oprukkende zoute water verder landinwaarts komt, wat grote gevolgen zou hebben voor drinkwater, natuur, landbouw en industrie. Sinds vorige maand juli voeren Rijkswaterstaat en de waterschappen vanwege de droogte ook al extra zoetwater aan via een ander gemaal.

Rijkswaterstaat zegt het zoutgehalte in de rivieren nauwlettend in de gaten te houden. Iedere tien minuten wordt gecontroleerd of het zout niet verder de polders in trekt. Om te voorkomen dat het waterpeil te ver zakt wordt de stuw Hagestein bovendien maar enkele decimeters opengezet. De scheepvaart zou er anders last van kunnen krijgen.

Stootkussen

Bij grote droogte voert de Rijn weinig water af naar zee. De druk van het rivierwater is dan te laag om binnendringend zeewater terug te duwen. Het gedeeltelijk openzetten van Stuw Hagestein zorgt voor een vergroting van de zoetwaterbuffer in zowel de Lek als de Hollandsche IJssel. Deze zoetwaterbuffer geeft als een stootkussen tegendruk aan het zoute water.