Een permanente tentoonstelling over het Tullepetaonse Carnaval: de Roosendaalse CDA-fractie ziet een dergelijke expositie helemaal zitten.

Volgens cultuurwethouder Hans Verbraak echter is de behoefte aan een permanent carnavalsmuseum bij de Stichting Carnaval Roosendaal niet meer als zodanig aanwezig.

Dat meldt hij in reactie op een eerder geschreven brief door CDA-raadslid René van Ginderen. Laatstgenoemde liet namens zijn fractie weten verguld te zijn met het feit dat het Tongerlohuys van woensdag 18 februari tot vrijdag 24 februari in het teken staat van’ het leutigste volksfeest ooit’ : het Tullepetaonse Carnaval.

"Een tijdelijke expositie over het Tullepetaonse Carnaval is natuurlijk prachtig maar een permanente tentoonstelling is natuurlijk nog mooier en past bij de allure van onze stad en haar feestvierders", zo vindt Van Ginderen.

"Daarnaast zou het ook nog eens een fantastisch onderdeel van Citymarketing kunnen zijn en niet te vergeten van Roosendaal 750-jaar." Aan potentiële locaties voor een permanent carnavalsmuseum is volgens het CDA geen gebrek. Als suggestie noemt de Roosendaalse CDA-fractie voor de verdiepingen op het Paviljoen.

Stichting STOEP

Vorig jaar waren het Roosendaalse college en Stichting Carnaval Roosendaal hierover reeds met elkaar in gesprek. De wens van toen lijkt inmiddels door de tijd achterhaald, zo maakt cultuurwethouder Hans Verbraak echter onomwonden duidelijk.

"Op dit moment is bij de Stichting Carnaval Roosendaal de behoefte aan een permanent carnavalsmuseum niet meer als zodanig aanwezig. De Stichting STOEP (Stichting Oud’eede en Prullaria) is voornemens om in 2018, het jaar waarin Roosendaal 750 jaar bestaat, analoog aan enkele jaren geleden in De Kring een tijdelijke expositie te gaan inrichten. Daarover wordt nu reeds gesproken met de directie van De Kring."

Carnavalshoek

"Tevens heeft STOEP afspraken gemaakt met museum Tongerlohuys met betrekking tot het inrichten van een kleine ‘Carnavalshoek’. De huisvesting in de Pius X, waar STOEP nu gebruik van maakt, bevalt prima. Want uiteindelijk is gebleken dat meer nog dan een permanent museum er behoefte was aan opslag, documentatie en werkruimte."

"Wel is de behoefte uitgesproken of deze ruimte eventueel nog uitgebreid zou kunnen worden. Dit zal verder onderzocht worden. Gelet op dit standpunt is het zoeken naar een ruimte voor een permanente tentoonstelling thans niet aan de orde."