Openbaar vervoerders en de overheid moeten zorgen dat de gevolgen voor reizigers tot een minimum beperkt worden, wanneer in een regio van vervoersbedrijf gewisseld wordt. Ook moeten de veranderingen beter gecommuniceerd worden naar de consument.

Dat staat in een rapportage over het laatste kwartaal van 2016 van het OV Loket, de ombudsman voor beter openbaar vervoer. In totaal ontving de organisatie in deze periode 1.968 klachten van reizigers.

Tijdens dit kwartaal werd in meerdere Nederlandse regio's van vervoerder gewisseld. Het OV loket ontving de meeste klachten in de provincie Utrecht, waar Syntus het vervoer overnam van Connexxion. Ook uit Limburg, waar Arriva vervoerder Veolia ging vervangen kwamen veel klachten.

Het OV loket pleit ervoor dat bij deze veranderingen beter gelet moet worden op de consequenties voor de reizigers. "Het gaat bij een wijziging van de vervoerder niet alleen om veranderingen in de dienstregeling. Ov-bedrijven kunnen ook verschillende procedures en andere abonnementsvormen hanteren. De reiziger wordt daar vaak de dupe van en snapt niet waarom er ineens veel meer betaald moet worden voor hetzelfde vervoer", zo staat in het rapport.

Korting

Ook bij de kaartautomaten op het station worden reizigers geconfronteerd met wijzigingen. Zo kan volgens het OV Loket een bepaalde service, die gewoon was bij de 'oude' vervoerder, niet meer worden verleend door het nieuwe ov-bedrijf. Een voorbeeld hiervan zijn de landelijke kortingsproducten van de NS, die niet meer geladen kunnen worden in een gebied waar vervoerder Arriva actief is.

Volgens het OV Loket is het openbaar vervoer een publieke voorziening waarvan grote groepen van de bevolking afhankelijk zijn. Overheidsbezuinigingen mogen niet ten koste gaan van de goede bereikbaarheid en betaalbare diensten. "Ook mensen zonder auto willen graag zelfstandig kunnen reizen, zonder dat ze aangewezen zijn op vrienden en bekenden."