Op 20 maart is het zover: Nederlanders mogen naar de stembus om hun keuze voor de leden van de Provinciale Staten en de waterschappen te maken. In aanloop naar de verkiezingen maakt NU.nl een serie verhalen over de rol van waterschappen en de provincie in ons dagelijks leven, met vandaag: hoe de provincies de steden bereikbaar kunnen houden.

De bereikbaarheid van de steden in Nederland staat altijd hoog op de agenda van de provincies. Bijna iedere ochtend lopen de snelwegen richting de grote, maar ook kleinere steden vol, met veel file- en treinleed tot gevolg.

Een van de kerntaken van de provincies is het in goede banen leiden van de bereikbaarheid van de regio. De provincie bepaalt onder meer waar wegen, spoorwegen en industriegebieden komen. Dat is een sleutelrol in het bereikbaar houden van steden, want we willen met z'n allen nog altijd iedere dag naar de stad.

Die trek naar de stad blijft ook de komende jaren bestaan, want de grote steden blijven groeien. En dat terwijl de steden nu al soms moeilijk te bereiken zijn. "Er bestaat een overmatige drukte door verstedelijking, en dat is al een aantal jaren bezig", zegt verkeersdeskundige Ruud Hornman van de Breda University of Applied Sciences. "Met het toenemen van de filedruk neemt de bereikbaarheid van steden af. Dat zie je eigenlijk op alle knopen van snelwegen bij steden."

“Zolang we files proberen op te lossen, worden het er meer.”
Verkeersdeskundige Ruud Hornman

Volgens Hornman is mobiliteit in Nederland een verworven recht geworden. Hij stelt dat we het tegenwoordig normaal vinden dat de afstand tussen onze woning en ons werk groot is. "Een uur reistijd vinden we acceptabel, en je kunt in die tijd ver komen in Nederland. Maar je moet mensen uitleggen wat haalbaar is. Vijf miljoen mensen willen naar een plek die voor drie miljoen mensen geschikt is. Wil je daar als reiziger bij blijven horen?", vraagt de verkeersdeskundige zich af.

Volgens hem vraagt het politieke lef en visie om dat te willen doorbreken. "Wie uit de politiek zal durven zeggen dat we weg moeten uit die stad? Dan moet je als beleidsmaker in feite tegen de reiziger zeggen: we gaan jouw probleem niet meer oplossen."

Meer asfalt leidt tot meer verkeer

Doorgaans worden bereikbaarheids- en fileproblemen in Nederlands opgelost met meer asfalt of meer spoor. Dat leidt in de regel tot meer verkeer. We zien dit vooral op de wegen richting steden.

"Met nieuwe wegen stimuleer je de gang naar de stad", legt Hornman uit. "Zolang we files proberen op te lossen, worden het er meer. Als je een weg verbreedt, dan is de logische traktatie dat je meer verkeer krijgt. We willen met z'n allen naar die stad."

Dat beaamt Bert van Wee, hoogleraar Transportbeleid aan de TU Delft. "Het feit dat files en vertraging problemen zijn, is juist een teken van goede bereikbaarheid. In de stad heb je bedrijven, winkels en musea. Juist om die bereikbaarheid willen mensen naar de stad. Het oplossen van het fileprobleem is dan ook een illusie. Er is geen stedelijke regio ter wereld zonder files, dus opstoppingen zullen er altijd zijn."

Wat kunnen de provincies doen?

Hoewel de provincies de bereikbaarheid van de regio in goede banen moeten leiden, is hun rol volgens hoogleraar Van Wee erg beperkt. "In theorie zou je het provinciale wegennet kunnen opkrikken om de snelwegen te ontlasten. Maar dat kost veel geld en daar heb je goede veiligheidsmaatregelen voor nodig. Want in verhouding zijn snelwegen veel veiliger dan provinciale wegen."

Ook Hornman verwacht niet dat provincies het probleem kunnen oplossen. Hij wijst erop dat Rijkswaterstaat de snelwegen beheert en dat deze partij wordt aangestuurd door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. "De provincie doet dat voor het openbaar vervoer en de provinciale wegen. Dat leidt tot een versplintering van belangen voor infrastructuur."

Als provincies erin slagen het leefklimaat buiten de Randstad te ontwikkelen, acht Hornman het mogelijk dat er een kentering komt. Hij noemt Eindhoven als voorbeeld. "Die stad heeft zich buiten de Randstad ontwikkeld tot belangrijk knooppunt op het gebied van techniek. Zo'n ontwikkeling geeft mooi aan hoe een locatie zich kan ontwikkelen tot een nieuw aantrekkingspunt."

Rijkswaterstaat verlengt de A1 richting Amersfoort in 2016. (Foto: ANP)

'Overheden moeten niet op eigen houtje opereren'

Hoogleraar Ruimtelijke Economie Erik Verhoef van de Vrije Universiteit stelt dat er geen ultieme oplossing is voor de provincies. "De provincies zijn natuurlijk wel verantwoordelijk voor de provinciale wegen. Daar moeten ze doen wat ze kunnen doen, bijvoorbeeld investeren in onderhoud. Het is belangrijk om te voorkomen dat die verschillende overheden op eigen houtje opereren."

Verhoef heeft door de jaren heen veel onderzoek gedaan naar het verminderen van de verkeersdrukte. Hij benadrukt dat een pakket van verschillende soorten maatregelen effectief kan zijn. "Als werktijden flexibeler worden, dan vergroot je het effect als je mensen prikkelt om inderdaad buiten de spits te rijden. Zo werkt het ook bij rekeningrijden. Het verwachte effect daarvan is groter als mensen alternatieven hebben, zoals het openbaar vervoer. We moeten af van het idee dat er maar één smaak is."

Volgens Verhoef zijn prijsprikkels een stap in de goede richting. "Als je dat inzet, verlicht je niet alleen op korte termijn de drukte, maar zorg je ook dat op langere termijn minder capaciteit nodig is. Je verdeelt de vraag beter over de dag. Het beeld bestaat dat het dan duurder zou moeten worden, maar je kunt het ook goedkoper maken. Mensen reageren op prijsverschillen."

Wekelijks handelen in rechten

Als voorbeeld noemt hij een zogeheten spitshandel. Een systeem waarbij een automobilist aan het begin van de week een aantal rechten krijgt en dan kan besluiten hoe zijn week eruit gaat zien. Als je niet al je gekregen rechten hoeft te gebruiken, dan kun je er een paar verkopen. Heb je extra nodig? Dan koop je die van een weggebruiker die een overschot heeft. "Zo kun je ervoor zorgen dat een automobilist misschien vier dagen in de auto zit, in plaats van vijf", aldus Verhoef.

Hij is niet bang dat mensen zo'n systeem te ingewikkeld gaan vinden. "We zijn als mens altijd al bezig geweest met handel", legt de hoogleraar uit. "Op deze manier maak je mensen via een soort spel bewust van mobiliteit. Nu gaat het vaak om ingeslepen gewoontes waar mensen niet bij stilstaan. Technisch gezien zijn we in staat om veel slimmer met prijzen het gedrag te sturen."

Hier vind je onze stemhulp per waterschap